Bij hoge bloeddruk (hypertensie) is de druk in de bloedvaten die het bloed van het hart naar de organen transporteren chronisch verhoogd. Dit komt veel voor in geïndustrialiseerde landen. Anno 2021 zijn er naar schatting 2.770.600 mensen met verhoogde bloeddruk bekend bij de huisarts. Je hebt een hoge bloeddruk als die bij meerdere metingen hoger is dan 140/90. Zelfs als hoge bloeddruk nauwelijks merkbare symptomen veroorzaakt, herbergt het wel gevaren. Hoge bloeddruk beschadigt namelijk de bloedvaten. Een te hoge bloeddruk vergroot daarom het risico op hart- en vaatziekten, zoals een hartinfarct en een beroerte. Daarom is het belangrijk om regelmatig je bloeddrukwaarden te (laten) checken. 

shutterstock_312824303 (kurhan) arts bloeddruk meting patient klein
Bloeddrukmeting door een arts / Bron: Kurhan/Shutterstock.com

Bloeddruk

Onderdruk en bovendruk

De bloeddruk wordt weergegeven door middel van twee kengetallen. Het hoogste getal is je bovendruk (systolische druk) en het laagste getal de onderdruk (diastolische druk). Je bovendruk wordt gemeten als het hart samentrekt. De bloeddruk is op dat moment het hoogst. De onderdruk wordt gemeten als het hart weer ontspant. De bloeddruk is op dat moment het laagst.

Optimale bloeddruk

Een optimale bloeddruk 120/80 mm/Hg of lager moeten zijn. Waarden net erboven worden als normaal beschouwd. Pas vanaf 140:90 spreekt men van een milde hoge bloeddruk. Waarden van 160: 100 worden als gemiddeld beschouwd, van 180: 110 tot ernstige hypertensie. Vindt de arts bij drie metingen op twee verschillende dagen waarden die te hoog zijn, dan gaat hij op zoek naar een mogelijke onderliggende ziekte. Als dat kan worden uitgesloten, is de diagnose: primaire (essentiële) hypertensie.

Wat is hoge bloeddruk?

Iedereen heeft wel eens last van een verhoogde bloeddruk, aangezien je bloeddruk automatisch stijgt door invloeden zoals stress, inspanning of opwinding. Op korte termijn is dit geen probleem. Maar als de hoge bloeddruk ongewoon hoog is of aanwezig blijft, dan is er ene probleem.

Je hart heeft een pompfunctie. Het pompt dag en nacht zuurstofrijk bloed naar je weefsels en organen en voert afvalstoffen af. Met elke hartslag pompt je hart bloed in de bloedvaten en dus door het hele lichaam. Hiervoor is veel kracht nodig. Om die reden oefent het getransporteerde bloed automatisch van binnenuit druk uit op de vaatwanden. De bloedvaten geven niet alleen toe aan deze kracht, maar werken deze tegen met wat bekend staat als vaatweerstand. Samen vormen deze twee factoren het niveau van de bloeddruk.

Als de bloeddruk blijvend te hoog is, beschadigt dat niet alleen de bloedvaten, maar moet ook het hart te veel werk verzetten. Voor een bepaalde periode kan je hart dit wel aan. Maar als de hoge bloeddruk niet verbetert, kunnen er ernstige gevolgen ontstaan, zoals hartfalen, hartritmestoornissen of coronaire hartziekten.

Symptomen van hoge bloeddruk

Hoge bloeddruk blijft vaak lange tijd onopgemerkt omdat er (aanvankelijk) geen typische symptomen zijn. Het is ene zogeheten ‘stille aandoening’. Het wordt daarom vaak pas gediagnosticeerd als er al onherstelbare schade in het lichaam is opgetreden: coronaire hartziekte, hartfalen, in het ergste geval zelfs een hartinfarct, beroerte of nierfalen. Onder artsen staat een hoge bloeddruk daarom bekend als sluipmoordenaar. Tekenen van hoge bloeddruk kunnen zijn:

  • ochtendhoofdpijn die afneemt wanneer je opstaat
  • duizeligheid, misselijkheid, oorsuizen
  • neusbloedingen
  • uitputting
  • slapeloosheid

Als de bloeddruk erg hoog is, kunnen pijn op de borst (angina pectoris), kortademigheid en gezichtsstoornissen optreden.

Verloop en complicaties

Wanneer je bloeddruk permanent verhoogd is, wordt de spierlaag in de wanden van de slagaders dikker. De wanden verstijven en de vaten worden stijf. Om dit te compenseren moet het hart harder pompen. Hierdoor verandert de hartspier; je krijgt een vergroot hart. De bloeddruk blijft ook stijgen, wat de binnenste laag van de arteriële wanden belast. Daar kunnen kleine scheurtjes ontstaan. In deze gebieden vormen zich gemakkelijker afzettingen, waardoor atherosclerose of slagaderverkalking ontstaat. De voorheen elastische vaten veranderen allengs in stijve, verkalkte vaten. Deze ondersteunen het bloedtransport steeds minder. Om dit te compenseren moet het hart de bloeddruk verhogen. Er is een vicieuze cirkel ontstaan.

De bloedtoevoer neemt af waar bloedvaten ernstig worden vernauwd door afzettingen. Hartspieren, nieren, hersencellen, spieren in de benen en cellen in de ogen kunnen zuurstoftekort krijgen en daardoor steeds minder goed functioneren. Mogelijke gevolgen of complicaties zijn dementie, pijn in de benen bij bewegen of in het hart bij inspanning (hartbeklemming ofwel angina pectoris) en andere klachten.

De afzettingen in de vaatwand noemen we plaques. De plaque kan na verloop van tijd scheuren en dan komt de inhoud van de plaque in contact met het bloed. Het bloed stolt en er ontstaat een bloedstolsel op de plaque. Vervolgens kan zo’n bloedstolsel de slagader afsluiten. Er kan echter ook een stukje afbreken, met de bloedbaan worden meegevoerd en iets verderop in het lichaam een bloedvat afsluiten. Elders in het lichaam kunnen ze een ader volledig afsluiten. Als dit in de hartspier gebeurt, sterft het spierweefsel af (een zogeheten hartinfarct of hartaanval). Hartaanvallen zijn buitengewoon pijnlijk en kunnen levensbedreigend zijn. Als de vaatafsluiting in de hersenen optreedt, sterft daar weefsel af (een zogeheten beroerte).

De hartspier heeft flink te lijden van de overbelasting die wordt veroorzaakt door hoge bloeddruk. Hij verandert en werkt steeds slechter. Je hart kan vergroot raken en er kan hartfalen optreden.

Onderzoek en diagnose

Bloeddrukmeting

De (huis)arts zal vragen stellen over je medische geschiedenis en een lichamelijk onderzoek doen. De arts, verpleegkundige of andere medisch assistent plaatst een opblaasbare armmanchet om je arm en meet de bloeddruk met een drukmeter. Eén meting zegt nog niet zoveel. Er zijn dan ook meerdere metingen nodig om te kunnen bepalen of er daadwerkelijk sprake is van hoge bloeddruk: 2 of 3 metingen op dezelfde dag en ook nog eens op meerdere dagen binnen enkele maanden. Als bij deze metingen de gemiddelde bovendruk 140 is of hoger dan spreekt men van hypertensie.

Bloeddrukwaarden en zelf je bloeddruk meten
Zelf meten van de bloeddruk / Bron: Bacho/Shutterstock.com

Verder onderzoek

De arts bepaalt vervolgens je cardiovasculaire risico door te vragen naar je leefomstandigheden en hij zal bloedonderzoek en mogelijk ook urineonderzoek verrichten. Om eventuele netvliesbeschadigingen op te sporen, zal hij je ogen inspecteren. Een ECG en een echo van het hart geven informatie over mogelijke gevolgschade aan het hart.

Classificatie van hoge bloeddruk

Artsen onderscheiden hoge bloeddruk (arteriële hypertensie) op basis van de oorzaak:

(Primaire) hypertensie: Bij deze vorm van hoge bloeddruk kan geen organische trigger worden vastgesteld. De oorzaken van hypertensie blijven onbekend. Hierbij spelen onder meer obesitas en een ongezonde leefstijl (met alcohol- en nicotineconsumptie) een rol. Goed om te weten: Experts spreken ook van essentiële hypertensie.
Secundaire hypertensie: In het geval van secundaire hypertensie is er een organische ziekte die een verhoogde bloeddruk veroorzaakt. Verschillende detecteerbare factoren komen in aanmerking als triggers – bijvoorbeeld een overactieve schildklier, aortaklepinsufficiëntie of chronische pijn. Interessant: artsen kunnen slechts bij ongeveer 5 van de 100 patiënten met hoge bloeddruk een oorzaak diagnosticeren.

Behandeling van hypertensie

Het primaire doel van de behandeling bestaat uit het normaliseren van je bloeddruk. Meestal verlicht dit merkbaar de symptomen van hoge bloeddruk. Tegelijk vermindert dit het risico op secundaire ziekten, zoals een beroert of hartinfarct.

Medicatie

Bij hoge bloeddruk zal de arts vaak medicijnen voorschrijven, zoals:

  • ACE-remmers: deze verlagen de bloeddruk doordat ze zich aan ACE (angiotensine converting enzyme) binden. Dit belemmert het omzetten van angiotensine I in angiotensine II waardoor bloedvatverwijding optreedt.
  • Angiotensinereceptorblokkers (ARB’s): deze grijpen evenals de ACE-remmers in op het renine-angiotensinesysteem, RAAS, maar dan op een andere plaats.
  • Bètablokkers: deze vertragen de hartslag en beschermen het hart tegen stresshormonen, waardoor de bloeddruk wordt verlaagd.
  • Diuretica (beter bekend als ‘plaspillen’): hierdoor ga je meer plassen. Dit betekent meer vocht verliezen waardoor het vloeistofvolume in de bloedvaten vermindert, wat bij hoge bloeddruk of hartfalen het hart kan ontlasten.
  • Calciumantagonisten: verlagen hoge bloeddruk omdat ze de bloedvaten verwijden.

Leefstijlaanpassingen

  • De behandeling van hoge bloeddruk is ook gebaseerd op leefstijlaanpassingen:
  • Regelmatige lichaamsbeweging: bijvoorbeeld dagelijks wandelen.
  • Sport: alle sporten die het cardiovasculaire stelsel op gang brengen, zoals nordic walking, fietsen of zwemmen. Idealiter vijf tot zeven dagen per week ongeveer 30 minuten.
  • Ga aanhoudende of chronische stress tegen: gun jezelf rust, voldoende slaap en pauzes tijdens de werkdag en ontspannende hobby’s.
  • Drink niet of slechts met mate (maximaal één alcoholische consumptie per dag) en rook niet.
  • Eet gezond en gevarieerd: veel groenten, fruit en volkoren producten.
Gezond eten bereiden
Gezond eten bereiden / Bron: gpointstudio/Shutterstock.com

Antwoord op de meest gestelde vragen over bloeddruk (Hartstichting)

David Smeekes is huisarts en medisch beleidsadviseur bij de Hartstichting. In de video beantwoordt hij enkele veel gestelde vragen over bloeddruk.

Last Updated on 30 september 2021 by M.G. Sulman

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *