Laatst bijgewerkt op 16 juni 2026 door M.G. Sulman
Knieartrose is een chronische aandoening waarbij het kraakbeen en andere weefsels in het kniegewricht geleidelijk veranderen. Daardoor kun je pijn krijgen bij lopen, traplopen of opstaan, vaak samen met startstijfheid, zwelling en minder bewegingsvrijheid. De klachten wisselen doorgaans en hoeven niet precies overeen te komen met wat op een röntgenfoto zichtbaar is. Bewegen, spiertraining en passende pijnstilling kunnen veel verschil maken. Wat kun je zelf doen en wanneer is medische beoordeling verstandig?
Knieartrose: een reumatische gewrichtsaandoening van de knie
Knieartrose is een chronische vorm van reuma waarbij de kwaliteit van het kraakbeen in het kniegewricht achteruitgaat. Ook het bot, het gewrichtsslijmvlies, de spieren en andere structuren rond de knie kunnen veranderen. Daardoor kun je pijn krijgen bij lopen, traplopen of opstaan, vaak samen met startstijfheid, zwelling en minder bewegingsvrijheid. De klachten wisselen doorgaans. Bewegen, spiertraining, gewichtsvermindering bij overgewicht en passende pijnbehandeling kunnen veel verschil maken. Wat helpt werkelijk en wanneer is onderzoek door een arts nodig?
Wat is knieartrose?
Knieartrose wordt in medische taal ook gonartrose genoemd. Het is een reumatische gewrichtsaandoening waarbij verschillende weefsels in de knie geleidelijk veranderen. Het gewrichtskraakbeen krijgt daarbij veel aandacht, maar artrose beperkt zich geenszins tot het kraakbeen.
Kraakbeen is het gladde, veerkrachtige weefsel dat de uiteinden van de botten in een gewricht bedekt. Het helpt krachten te verdelen en zorgt ervoor dat de gewrichtsvlakken soepel langs elkaar bewegen. Bij knieartrose neemt de kwaliteit van dit kraakbeen af. Het wordt zachter, dunner of onregelmatiger en kan plaatselijk afbrokkelen.
Ook andere delen van het gewricht doen mee:
- het bot direct onder het kraakbeen;
- het synovium, oftewel het slijmvlies aan de binnenkant van het gewrichtskapsel;
- de menisci, de halvemaanvormige structuren die krachten verdelen;
- de gewrichtsbanden;
- het kapsel rondom het gewricht;
- de spieren en pezen rond de knie.
Artrose is derhalve geen eenvoudig mechanisch proces waarbij een knie door gebruik ‘verslijt’. Die voorstelling doet denken aan een deurhengsel dat na duizenden bewegingen is opgebruikt. Een menselijk gewricht is echter levend weefsel. Het reageert op belasting, herstelt gedeeltelijk, past zich aan en kan ontstekingsreacties vertonen.
ReumaNederland omschrijft artrose als een gewrichtsaandoening waarbij het kraakbeen dunner wordt en afbrokkelt, terwijl ook het onderliggende bot verandert en het gewricht soms ontstoken raakt.1ReumaNederland. (z.d.). Artrose. https://reumanederland.nl/reuma/vormen-van-reuma/artrose
Artrose is een vorm van reuma
Het woord reuma is een verzamelnaam voor meer dan honderd aandoeningen van gewrichten, spieren, pezen en botten. Reumatoïde artritis, jicht, de ziekte van Bechterew en artrose vallen allemaal onder deze brede noemer, ofschoon de oorzaken en ziekteprocessen sterk verschillen.
Bij reumatoïde artritis valt het afweersysteem het gewrichtsslijmvlies aan. Het betreft een auto-immuunziekte. Bij artrose ligt de nadruk op veranderende kwaliteit van kraakbeen en andere gewrichtsstructuren, waarbij ook laaggradige ontstekingsprocessen kunnen optreden.
Artrose wordt daarom soms ingedeeld bij degeneratieve reumatische aandoeningen. Degeneratief betekent dat de kwaliteit en structuur van weefsel achteruitgaan. Het woord moet niet worden opgevat als synoniem voor normale ouderdom of onvermijdelijke slijtage.
Je kunt artrose krijgen zonder hoogbejaard te zijn. Een eerdere knieblessure, standsafwijking, erfelijke aanleg, overgewicht of bepaalde vormen van langdurige belasting kunnen de kans verhogen.
Waarom ‘slijtage’ een ongelukkig woord is
De term slijtage is ingeburgerd. Hij klinkt eenvoudig en herkenbaar, maar roept een verkeerd beeld op.
Een versleten voorwerp wordt slechter naarmate je het vaker gebruikt. Bij knieartrose ligt dat anders. Zorgvuldig bewegen en oefenen zijn juist onderdelen van de behandeling. Spiertraining kan pijn verminderen, lopen verbeteren en de belastbaarheid vergroten.
Wanneer iemand hoort dat de knie ‘versleten’ is, ligt bewegingsangst op de loer. Je gaat minder lopen, vermijdt trappen en rust steeds langer. Vervolgens nemen spierkracht en conditie af. De knie voelt instabieler en dagelijkse bewegingen worden zwaarder. Zo kan een verkeerde voorstelling van de aandoening het functioneren daadwerkelijk verslechteren.
Een betere formulering luidt:
Knieartrose is een reumatische gewrichtsaandoening waarbij de kwaliteit van het kraakbeen achteruitgaat en ook andere onderdelen van het kniegewricht veranderen.
Dat is medisch nauwkeuriger en geeft ruimte voor behandeling. De veranderingen zijn chronisch, doch de mate van pijn en beperking staat niet vast.
Hoe is de knie opgebouwd?
De knie vormt de verbinding tussen het dijbeen, het scheenbeen en de knieschijf.
Dijbeen en scheenbeen
Het dijbeen heet in medische taal de femur. Het scheenbeen wordt de tibia genoemd. Aan de uiteinden van deze botten ligt gewrichtskraakbeen. Tussen beide botten bevinden zich twee menisci.
Een meniscus is een stevige, enigszins elastische schijf van vezelkraakbeen. Hij verdeelt druk over het gewricht en helpt bij stabiliteit en schokdemping.
De knie heeft aan de binnenzijde een mediaal compartiment en aan de buitenzijde een lateraal compartiment. Een compartiment is een afzonderlijk gewrichtsgedeelte. Knieartrose komt dikwijls vooral aan de binnenzijde voor.
De knieschijf
De knieschijf heet de patella. Zij glijdt tijdens buigen en strekken door een groeve aan de voorzijde van het dijbeen. Dit contactgebied heet het patellofemorale gewricht.
Artrose achter de knieschijf geeft vaak klachten bij:
- traplopen;
- hurken;
- knielen;
- opstaan uit een lage stoel;
- lang zitten met gebogen knieën.
Gewrichtsvloeistof en synovium
Het synovium is het slijmvlies aan de binnenkant van het gewrichtskapsel. Dit weefsel maakt synoviale vloeistof, oftewel gewrichtsvloeistof. Die vloeistof voedt het kraakbeen en helpt de gewrichtsoppervlakken soepel te bewegen.
Bij knieartrose kan het synovium geïrriteerd of ontstoken raken. Zo’n ontstekingsreactie heet synovitis. De knie kan dan warmer, dikker en pijnlijker worden.
Wat gebeurt er bij knieartrose?
Kraakbeen bestaat uit kraakbeencellen en een stevige tussenstof. Die tussenstof bevat onder meer collageen en proteoglycanen. Collageen geeft structuur. Proteoglycanen binden water en dragen bij aan veerkracht.
Bij artrose raakt het evenwicht tussen beschadiging, onderhoud en herstel verstoord. Het kraakbeen houdt water anders vast, wordt minder stevig en verliest plaatselijk zijn gladde oppervlak. Het kan dunner worden en kleine scheurtjes vertonen.
Het bot onder het kraakbeen probeert zich aan de veranderde omstandigheden aan te passen. Het kan plaatselijk dichter worden. Dit heet subchondrale sclerose. Subchondraal betekent: gelegen onder het kraakbeen.
Aan de randen van het gewricht kunnen osteofyten ontstaan. Dit zijn benige uitgroeisels. Zij worden soms botsporen genoemd, al klinkt dat dreigender dan nodig. Osteofyten zijn een reactie van het bot op veranderingen in het gewricht.
Ook kunnen in het bot kleine holten ontstaan, zogeheten subchondrale cysten. Het gewrichtskapsel kan stugger worden en spieren rond de knie kunnen verzwakken.
Het lichaam probeert beschadiging te repareren. Daarbij komen ontstekingsstoffen vrij. In een gewricht verloopt herstel echter anders dan bij een wond in de huid. Reparatie kan onvolledig blijven, terwijl ontstekingsprocessen de gevoeligheid van het gewricht verder verhogen.2ReumaNederland. (2020). Artrose is een serieuze gewrichtsziekte met grote gevolgen. https://reumanederland.nl/nieuws/artrose-een-serieuze-gewrichtsziekte-met-grote-gevolgen
Waar komt de pijn vandaan?
Kraakbeen zelf bevat nauwelijks pijnzenuwen. De pijn bij knieartrose komt daarom grotendeels uit andere structuren, zoals:
- het bot onder het kraakbeen;
- het gewrichtskapsel;
- het synovium;
- de banden;
- de menisci;
- pezen en spieren rondom de knie.
De hoeveelheid pijn loopt niet altijd gelijk met de zichtbare veranderingen op een röntgenfoto. Iemand kan duidelijke artrose op de foto hebben en betrekkelijk weinig klachten. Een ander heeft veel pijn bij bescheidener afwijkingen.
Dat verschil kan samenhangen met:
- ontstekingsactiviteit;
- spierkracht;
- slaaptekort;
- overbelasting;
- stress;
- eerdere pijnervaringen;
- overgewicht;
- de gevoeligheid van het zenuwstelsel.
Bij langdurige pijn kan centrale sensitisatie ontstaan. Dit betekent dat het centrale zenuwstelsel pijnsignalen versterkt. De pijndrempel daalt als het ware. Gewone belasting wordt dan sneller als pijnlijk ervaren.
Centrale sensitisatie betekent niet dat de pijn ‘tussen de oren’ zit. Het betreft een meetbaar veranderde verwerking van prikkels in hersenen en ruggenmerg.
Symptomen van knieartrose
Pijn bij bewegen en belasten
De pijn ontstaat aanvankelijk vaak tijdens belasting. Je merkt haar bijvoorbeeld bij:
- lopen;
- traplopen;
- opstaan uit een stoel;
- lang staan;
- hurken;
- knielen;
- draaien op het aangedane been;
- wandelen over een ongelijke ondergrond.
De pijn kan aan de binnenkant, buitenkant of voorzijde van de knie zitten. Sommige mensen voelen een diepe, zeurende pijn die lastig precies aan te wijzen is.
In een vroeg stadium kunnen klachten dagen of weken verdwijnen. Later kan de pijn vaker terugkomen. Bij ernstiger artrose kan ook rustpijn of nachtelijke pijn ontstaan.
Startstijfheid
Startstijfheid betekent dat de knie na rust tijdelijk stroef en pijnlijk aanvoelt. De eerste stappen na het opstaan uit een stoel gaan moeizaam, waarna het lopen allengs gemakkelijker wordt.
Ochtendstijfheid
Ochtendstijfheid komt eveneens voor. Bij artrose duurt deze doorgaans korter dan dertig minuten.
Een langdurige ochtendstijfheid van meerdere gewrichten kan eerder passen bij een inflammatoire reumatische aandoening. Inflammatoir betekent dat een actieve ontsteking een centrale plaats inneemt.
Minder goed buigen of strekken
De knie kan minder beweeglijk worden. Volledig strekken lukt soms niet meer. Dit heet een extensiebeperking.
Wanneer de knie blijvend enigszins gebogen staat, spreekt men van een flexiecontractuur. Een contractuur is een blijvende bewegingsbeperking door verkorting of verstijving van weefsels.
Zelfs een kleine strekbeperking beïnvloedt het lopen. De bovenbeenspieren moeten harder werken en je kunt de heup of rug anders gaan gebruiken.
Zwelling en warmte
Een artroseknie kan dikker en warmer worden. Dit komt onder meer door irritatie van het gewrichtsslijmvlies en een toename van gewrichtsvocht.
Extra vocht in de knie heet hydrops. De knie voelt gespannen aan en buigen wordt moeilijker.
Kraken of knarsen
Crepitaties zijn krakende, knisperende of schurende geluiden en gevoelens bij bewegen. Ze ontstaan onder meer door veranderde gewrichtsoppervlakken, pezen die verschuiven of bewegingen van de knieschijf.
Een krakende knie zonder pijn is meestal geen teken van ernstige ziekte. Geluid alleen zegt weinig over de toestand van het kraakbeen.
Instabiliteit en door de knie zakken
De knie kan onzeker aanvoelen of plotseling wegzakken. Mogelijke oorzaken zijn:
- verminderde spierkracht;
- pijnremming van de bovenbeenspier;
- veranderingen van banden of menisci;
- een O-been- of X-beenstand;
- vocht in het gewricht;
- daadwerkelijke instabiliteit.
Pijnremming betekent dat de spier tijdelijk minder krachtig wordt aangestuurd doordat het gewricht pijn doet of gezwollen is.
Bakerse cyste
Een Bakerse cyste is een met gewrichtsvloeistof gevulde uitstulping in de knieholte. Zij kan ontstaan wanneer de druk in het kniegewricht toeneemt.
Een kleine cyste geeft weinig klachten. Een grotere cyste kan een gespannen gevoel achter de knie veroorzaken. Bij scheuren kan vocht naar de kuit zakken, met plotselinge pijn en zwelling als gevolg.
Omdat zulke klachten op trombose kunnen lijken, is medische beoordeling nodig.
Wie heeft meer kans op knieartrose?
Hogere leeftijd
De kans op knieartrose neemt toe met de leeftijd. Dat betekent niet dat artrose een normaal of onvermijdelijk onderdeel van ouder worden is.
Kraakbeen verandert met het ouder worden enigszins in samenstelling en herstelvermogen. Of daaruit werkelijk artrose ontstaat, hangt mede af van erfelijke aanleg, gewicht, eerdere blessures en belasting.
Overgewicht en obesitas
Overgewicht verhoogt de mechanische belasting van de knie. Tijdens lopen en traplopen werken krachten op het gewricht die groter zijn dan het lichaamsgewicht zelf.
Vetweefsel is tevens biologisch actief. Het maakt adipokinen aan. Dit zijn signaalstoffen die stofwisseling en ontstekingsprocessen beïnvloeden.
De relatie tussen overgewicht en artrose is dus zowel mechanisch als metabool.
Een eerdere knieblessure
Een beschadiging van de voorste kruisband, meniscus of gewrichtsoppervlakken verhoogt de kans op posttraumatische artrose.
Posttraumatisch betekent dat de aandoening na een eerder letsel is ontstaan. De klachten kunnen pas vele jaren na het oorspronkelijke ongeval duidelijk worden.
Ook een botbreuk die doorloopt tot in het kniegewricht kan de verdeling van krachten blijvend veranderen.
Meniscusoperatie
De meniscus verdeelt druk over de knie. Wanneer een aanzienlijk deel chirurgisch is verwijderd, komt meer belasting op een kleiner kraakbeenoppervlak terecht.
Een meniscusoperatie is soms noodzakelijk, maar het verwijderen van meniscusweefsel kan op langere termijn de kans op knieartrose verhogen.
O-beenstand en X-beenstand
Bij een O-beenstand, medisch genu varum genoemd, loopt relatief veel belasting door de binnenzijde van de knie.
Bij een X-beenstand, genu valgum, wordt de buitenzijde zwaarder belast.
Een standsafwijking kan reeds vóór de artrose aanwezig zijn. Zij kan ook toenemen doordat het gewricht verandert.
Zwaar lichamelijk werk
Werk waarbij je veel knielt, hurkt, tilt, klimt of trappen loopt, kan het kniegewricht langdurig belasten.
De precieze invloed hangt af van:
- de duur van de belasting;
- de kracht die nodig is;
- het aantal herhalingen;
- herstelmogelijkheden;
- lichaamsgewicht;
- aanwezige knieafwijkingen.
Erfelijke aanleg
Artrose komt in sommige families vaker voor. Erfelijke factoren kunnen de kwaliteit van kraakbeen, vorm van botten en gevoeligheid voor ontstekingsreacties beïnvloeden.
Verminderde spierkracht
Zwakke quadriceps verhogen de belasting niet rechtstreeks alsof er extra kilo’s op de knie komen, maar zij verminderen wel de controle en schokopvang tijdens bewegen.
De quadriceps zijn de grote spieren aan de voorzijde van het bovenbeen. Zij strekken de knie en zijn nodig bij opstaan, lopen en traplopen.
Hoe stelt de arts knieartrose vast?
Het klachtenpatroon
De diagnose wordt meestal gesteld op grond van het gesprek en lichamelijk onderzoek. De huisarts vraagt onder meer naar:
- pijn bij belasting;
- startstijfheid;
- ochtendstijfheid;
- zwelling;
- bewegingsbeperking;
- eerdere knieblessures;
- instabiliteit;
- beperkingen in werk en dagelijks leven;
- rustpijn en nachtelijke pijn.
Bij mensen van 45 jaar of ouder met activiteitgerelateerde kniepijn en geen of kortdurende ochtendstijfheid kan de diagnose vaak zonder beeldvorming worden gesteld.3Federatie Medisch Specialisten. (2019). Diagnostiek heup- of knieartrose. https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/artrose_in_heup_of_knie/diagnostiek_heup-_of_knieartrose.html
Lichamelijk onderzoek
De arts bekijkt:
- de stand van de benen;
- zwelling;
- warmte en roodheid;
- spiermassa;
- de manier van lopen;
- buigen en strekken;
- drukpijn;
- stabiliteit.
Ook kan de arts beoordelen of er vocht in de knie zit.
Röntgenfoto
Een röntgenfoto is niet altijd nodig. Zij kan worden gemaakt wanneer:
- de diagnose onzeker is;
- de klachten niet goed bij artrose passen;
- een operatie wordt overwogen;
- sprake is van een forse standsafwijking;
- een botafwijking moet worden uitgesloten;
- de klachten na behandeling ernstig blijven.
Op een röntgenfoto let de arts onder meer op:
- versmalling van de gewrichtsspleet;
- osteofyten;
- verdichting van het bot;
- veranderingen in de vorm van het gewricht.
De gewrichtsspleet is de ruimte tussen de botten op de foto. Kraakbeen is op een gewone röntgenfoto niet rechtstreeks zichtbaar. Een smallere ruimte wijst indirect op afname van kraakbeen en verandering van de meniscus.
MRI
MRI staat voor magnetische-resonantiebeeldvorming. Met dit onderzoek zijn kraakbeen, menisci, banden, botmerg en zachte weefsels gedetailleerd zichtbaar.
Bij een kenmerkend beeld van knieartrose is MRI doorgaans niet nodig. Het onderzoek kan veel afwijkingen tonen die ook voorkomen bij mensen zonder pijn.
MRI is vooral nuttig wanneer een andere aandoening wordt vermoed, bijvoorbeeld:
- een acute bandruptuur;
- osteonecrose;
- een bijzondere botafwijking;
- een los fragment in het gewricht;
- onverklaarde klachten na een ongeval.
Bloedonderzoek
Artrose wordt niet vastgesteld met bloedonderzoek. Bloedonderzoek kan wel helpen wanneer de arts denkt aan:
- reumatoïde artritis;
- jicht;
- een infectie;
- een andere ontstekingsziekte.
Wat lijkt op knieartrose?
Degeneratieve meniscusschade
Een degeneratieve meniscusscheur ontstaat geleidelijk doordat het meniscusweefsel van kwaliteit verandert. Zij komt veel voor bij middelbare en oudere volwassenen, vaak samen met knieartrose.
Een scheur op een MRI betekent niet automatisch dat de meniscus de voornaamste pijnbron is.
Reumatoïde artritis
Reumatoïde artritis is een auto-immuunziekte waarbij het gewrichtsslijmvlies chronisch ontstoken raakt.
Kenmerkend zijn onder meer:
- langdurige ochtendstijfheid;
- meerdere gezwollen gewrichten;
- vaak klachten aan beide zijden;
- soms vermoeidheid en ziektegevoel.
Jicht en pseudojicht
Jicht wordt veroorzaakt door urinezuurkristallen. Pseudojicht ontstaat door kristallen van calciumpyrofosfaat.
Beide kunnen een plotseling rode, hete en buitengewoon pijnlijke knie veroorzaken.
Slijmbeursontsteking
Een slijmbeursontsteking heet bursitis. Een bursitis vóór de knieschijf komt bijvoorbeeld voor bij mensen die veel knielen.
De zwelling ligt dan oppervlakkiger dan bij vocht ín het gewricht.
Pijn vanuit de heup of rug
Heupartrose kan pijn naar de knie uitstralen. Ook zenuwirritatie vanuit de onderrug kan pijn, tintelingen of krachtsverlies in het been geven.
De plaats waar je pijn voelt, is niet altijd de plaats waar het probleem ontstaat.
Bewegen vormt de basis van de behandeling
Bewegen is geen vrijblijvende aanvulling. Het behoort tot de kern van de behandeling van knieartrose.
Oefentherapie kan:
- pijn verminderen;
- spierkracht vergroten;
- het lopen verbeteren;
- de beweeglijkheid ondersteunen;
- vertrouwen in de knie herstellen;
- de algemene conditie verbeteren.
De Nederlandse richtlijn stelt dat oefentherapie gewrichtspijn vermindert en het lichamelijk functioneren verbetert.4Federatie Medisch Specialisten. (2019). Oefentherapie bij heup- of knieartrose. https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/artrose_in_heup_of_knie/behandeling_heup-_of_knieartrose/oefentherapie_bij_heup-_of_knieartrose.html
Krachttraining
Sterke bovenbeen- en bilspieren helpen de knie te sturen. Geschikte oefeningen zijn bijvoorbeeld:
- opstaan uit een stoel;
- kleine kniebuigingen;
- opstappen op een lage verhoging;
- knie strekken tegen weerstand;
- bruggetjes;
- zijwaarts heffen van het been;
- kuitheffen.
De weerstand moet voldoende zijn om de spieren te prikkelen. Een oefening die altijd moeiteloos gaat, bouwt weinig nieuwe kracht op.
Conditietraining
Geschikte vormen van conditietraining zijn:
- wandelen;
- fietsen;
- zwemmen;
- aquajoggen;
- trainen op een crosstrainer;
- rustig roeien.
Fietsen is voor veel mensen prettig omdat de knie beweegt zonder dat het volledige lichaamsgewicht erop rust.
Beweeglijkheid
Regelmatig buigen en strekken helpt de beschikbare bewegingsuitslag te behouden. Vooral volledige strekking verdient aandacht.
Een knie die niet meer goed strekt, beïnvloedt iedere stap.
Balans
Balansoefeningen trainen de neuromusculaire controle. Dat is de samenwerking tussen zenuwen en spieren bij het sturen van het gewricht.
Een eenvoudig voorbeeld is op één been staan met een aanrecht of stevige tafel binnen handbereik.
Mag bewegen pijn doen?
Volledige pijnloosheid is niet altijd haalbaar of nodig. Lichte tot matige pijn tijdens oefenen kan acceptabel zijn wanneer deze binnen redelijke tijd weer afneemt.
Let op de reactie gedurende de volgende dag.
De belasting was waarschijnlijk te hoog wanneer:
- de knie sterk opzwelt;
- je duidelijk mank gaat lopen;
- de pijn de volgende dag nog fors erger is;
- je normale activiteiten niet meer kunt uitvoeren.
Verlaag dan tijdelijk de duur, weerstand of het aantal herhalingen.
Pijn is een waarschuwingssignaal, maar bij artrose geen volmaakte meter voor weefselschade. De kunst is doseren, niet angstig stilvallen en evenmin koppig doorduwen.
Fysiotherapie
Een fysiotherapeut kan helpen wanneer:
- je moeite hebt een oefenprogramma op te bouwen;
- de knie instabiel voelt;
- je bang bent om te bewegen;
- spierkracht sterk is afgenomen;
- de knie minder goed buigt of strekt;
- je meerdere aandoeningen hebt;
- bewegen telkens tot forse napijn leidt;
- je herstelt van een operatie.
De nadruk hoort te liggen op actief oefenen, belasting opbouwen en zelfstandig verder kunnen.
Massage of warmte kan tijdelijk prettig zijn, maar vervangt krachttraining en bewegen niet.
Afvallen bij overgewicht
Gewichtsvermindering kan bij overgewicht de belasting van de knie verminderen. Tijdens lopen werkt per stap een veelvoud van het lichaamsgewicht op het gewricht.
Zelfs een bescheiden gewichtsverlies kan daarom praktisch merkbaar zijn.
Afvallen kan tevens:
- bewegen gemakkelijker maken;
- ontstekingsactiviteit van vetweefsel verminderen;
- de conditie verbeteren;
- operatierisico’s verlagen;
- spiertraining beter uitvoerbaar maken.
Combineer gewichtsvermindering bij voorkeur met krachttraining en voldoende eiwit. Anders verlies je mogelijk spiermassa, hetgeen voor de knie juist ongunstig is.

Voeding bij knieartrose
Er bestaat geen dieet dat knieartrose geneest of verdwenen kraakbeen terugbrengt.
Voeding heeft wel betekenis voor:
- lichaamsgewicht;
- spiermassa;
- botgezondheid;
- hart- en vaatgezondheid;
- algemene ontstekingsbalans.
Een bruikbaar voedingspatroon bevat ruim:
- groenten;
- fruit;
- volkoren graanproducten;
- peulvruchten;
- noten;
- vis;
- olijfolie;
- magere of halfvolle zuivel;
- andere goede eiwitbronnen.
Beperk sterk bewerkte producten, suikerhoudende dranken en grote hoeveelheden alcohol.
Eiwitten
Eiwitten zijn nodig voor opbouw en herstel van spieren. Goede bronnen zijn:
- eieren;
- zuivel;
- vis;
- mager vlees;
- tofu;
- tempeh;
- bonen;
- linzen;
- noten.
Verdeel de eiwitinname over de dag. Dat ondersteunt spieropbouw beter dan vrijwel alle eiwitten bij één maaltijd gebruiken.
Vitamine D
Vitamine D is nodig voor botten en spieren. Een tekort kan spierzwakte veroorzaken, maar vitamine D behandelt knieartrose niet wanneer je geen tekort hebt.
Volg de Nederlandse suppletieadviezen en slik geen zeer hoge doseringen zonder medische reden.
Warmte en kou
Warmte kan stijfheid en spierspanning verminderen. Denk aan:
- een warme douche;
- een kruik;
- een warmtekussen.
Kou kan prettig zijn wanneer de knie warm en gezwollen is. Gebruik een coldpack steeds met een doek ertussen en koel ongeveer tien tot vijftien minuten.
Warmte en kou veranderen het ziekteproces niet. Zij kunnen de klachten tijdelijk draaglijker maken.
Hulpmiddelen
Wandelstok
Gebruik een wandelstok meestal aan de tegenovergestelde zijde.
Bij pijn in de rechterknie houd je de stok links. De stok gaat tegelijk met het pijnlijke been naar voren.
Een goed ingestelde stok kan het lopen verlichten en de actieradius vergroten.
Rollator
Een rollator kan zinvol zijn bij:
- artrose van beide knieën;
- evenwichtsproblemen;
- beperkte loopafstand;
- valangst;
- algemene spierzwakte.
Kniebrace
Een kniebrace kan steun geven. Bij artrose die vooral aan één zijde van de knie zit, kan een ontlastende brace de druk enigszins verplaatsen.
Het effect verschilt sterk per persoon. Een brace moet goed passen en daadwerkelijk voordeel opleveren.
Aanpassingen thuis
Praktische hulpmiddelen zijn onder meer:
- een toiletverhoger;
- een stevige stoel met armleuningen;
- een douchestoel;
- wandbeugels;
- een tweede trapleuning;
- een lange schoenlepel;
- een grijper.
Een ergotherapeut kan beoordelen welke dagelijkse handelingen onnodig zwaar zijn.
Pijnstillers bij knieartrose
Paracetamol
Paracetamol kan worden geprobeerd bij pijn. Het gemiddelde effect bij artrose is betrekkelijk klein, maar sommige mensen ervaren wel verlichting.
Let op de maximale dosering. Een lagere dosis kan nodig zijn bij:
- leverziekte;
- laag lichaamsgewicht;
- hoge leeftijd en kwetsbaarheid;
- overmatig alcoholgebruik;
- slechte voedingstoestand.
Ontstekingsremmende gel
Een NSAID-gel bevat een ontstekingsremmende pijnstiller, bijvoorbeeld diclofenac of ibuprofen.
NSAID staat voor non-steroidal anti-inflammatory drug. Dit is een ontstekingsremmer die geen corticosteroïd is.
Een gel geeft doorgaans minder bijwerkingen in de rest van het lichaam dan tabletten.
NSAID-tabletten
Voorbeelden zijn:
- ibuprofen;
- naproxen;
- diclofenac.
Deze middelen kunnen pijn verminderen, maar verhogen onder meer het risico op:
- maagzweren;
- maagbloedingen;
- nierproblemen;
- hoge bloeddruk;
- vocht vasthouden;
- hart- en vaatproblemen.
Gebruik ze niet langdurig zonder overleg met huisarts of apotheker.
Opioïden
Opioïden zoals tramadol, oxycodon en morfine zijn doorgaans ongeschikt voor langdurige artrosepijn.
Mogelijke gevolgen zijn:
- sufheid;
- misselijkheid;
- obstipatie;
- vallen;
- gewenning;
- afhankelijkheid;
- ademhalingsproblemen.
Injecties in de knie
Corticosteroïden
Een corticosteroïdinjectie kan een ontstekingsreactie tijdelijk remmen. Zij wordt soms gebruikt bij een pijnlijke, gezwollen opvlamming.
Het effect duurt meestal enkele weken. Herhaald injecteren is geen structurele oplossing.
Mogelijke risico’s zijn:
- tijdelijke extra pijn;
- stijging van de bloedsuiker;
- huidverkleuring;
- een zeldzame gewrichtsinfectie.

Hyaluronzuur
Hyaluronzuur is een bestanddeel van gewrichtsvloeistof. Injecties worden aangeboden om pijn te verminderen.
Onderzoeken geven wisselende resultaten. Het middel geldt in Nederland niet als vanzelfsprekende standaardbehandeling.
PRP
PRP betekent platelet-rich plasma, oftewel bloedplasma met extra bloedplaatjes.
Sommige onderzoeken laten pijnvermindering zien, maar behandelmethoden verschillen sterk. De Nederlandse richtlijn adviseert PRP voor knieartrose vooralsnog niet als reguliere behandeling buiten onderzoeksverband.
Stamcellen
Commerciële stamcelbehandelingen beloven soms nieuw kraakbeen. Voor gewone knieartrose bestaat geen overtuigend bewijs dat zulke injecties betrouwbaar een normaal gewricht herstellen.
Kruidengeneeskunde en supplementen
Curcumine
Curcumine is een werkzame stof uit kurkuma. Sommige onderzoeken wijzen op een bescheiden vermindering van pijn.
De kwaliteit en samenstelling van supplementen verschillen. Curcumine kan maag-darmklachten geven en wisselwerken met medicijnen, onder meer bloedverdunners.
Boswellia
Boswellia serrata wordt ook Indiase wierook genoemd. Extracten kunnen mogelijk pijn en stijfheid enigszins verminderen.
De beschikbare onderzoeken zijn vaak klein en gebruiken uiteenlopende preparaten.
Duivelsklauw
Duivelsklauw, Harpagophytum procumbens, wordt gebruikt bij gewrichtspijn. Het bewijs voor knieartrose is beperkt.
Voorzichtigheid is geboden bij:
- maagzweren;
- galstenen;
- hartritmestoornissen;
- zwangerschap;
- antistollingsmiddelen.
Glucosamine en chondroïtine
Onderzoeken naar glucosamine en chondroïtine geven tegenstrijdige uitkomsten. Veel richtlijnen bevelen routinematig gebruik niet aan.
Wie het toch probeert, kan een duidelijke proefperiode afspreken. Stop wanneer geen merkbaar effect optreedt.
Kruidenmiddelen en supplementen zijn hoogstens aanvullend. Zij vervangen beweging, spiertraining, gewichtsvermindering of medische behandeling niet.
Wetenschappelijke publicaties in PubMed
PubMed is een internationale databank met medische en biowetenschappelijke publicaties. Een opname in PubMed betekent niet automatisch dat een onderzoek sterk of betrouwbaar is. De studieopzet, omvang en kwaliteit blijven bepalend.
Oefentherapie
Systematische reviews laten zien dat oefentherapie pijn kan verminderen en het functioneren kan verbeteren.
Een Cochrane-review uit 2024 concludeerde dat oefentherapie waarschijnlijk gunstige effecten heeft op pijn, lichamelijk functioneren en kwaliteit van leven.5Lawford, B. J., et al. (2024). Exercise for osteoarthritis of the knee. Cochrane Database of Systematic Reviews. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/39625083/
Gewichtsvermindering
De IDEA-studie onderzocht mensen met overgewicht of obesitas en knieartrose. De combinatie van voedingsbegeleiding en beweging leidde tot gewichtsverlies, minder pijn en beter functioneren.6Messier, S. P., et al. (2013). Effects of intensive diet and exercise on knee joint loads, inflammation, and clinical outcomes among overweight and obese adults with knee osteoarthritis. JAMA, 310(12), 1263-1273. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/24065013/
Semaglutide
Een studie uit 2024 onderzocht semaglutide bij mensen met obesitas en knieartrose. De deelnemers verloren meer gewicht en rapporteerden minder kniepijn dan mensen die een placebo kregen.7Bliddal, H., et al. (2024). Once-weekly semaglutide in persons with obesity and knee osteoarthritis. New England Journal of Medicine. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/39476339/
Semaglutide is geen algemeen geneesmiddel tegen artrose. Het kan bij geselecteerde mensen worden ingezet voor behandeling van obesitas.
Curcumine en Boswellia
Reviews wijzen op mogelijke bescheiden effecten van curcumine en Boswellia. De onderzoeken verschillen echter in kwaliteit, dosering en gebruikte preparaten.8Bannuru, R. R., Osani, M. C., Al-Eid, F., & Wang, C. (2018). Efficacy of curcumin and Boswellia for knee osteoarthritis: Systematic review and meta-analysis. Seminars in Arthritis and Rheumatism, 48(3), 416-429. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/29622343/
Wanneer komt een operatie in beeld?
Een operatie wordt overwogen wanneer ernstige pijn en beperkingen blijven bestaan ondanks een zorgvuldig uitgevoerde behandeling zonder operatie.
Daarbij wordt gekeken naar:
- pijn;
- loopafstand;
- slaap;
- beperkingen in werk en zelfzorg;
- spierkracht;
- lichaamsgewicht;
- röntgenfoto’s;
- algemene gezondheid;
- verwachtingen.
Standscorrectie
Bij jongere mensen met artrose aan één zijde van de knie en een duidelijke standsafwijking kan een osteotomie worden uitgevoerd.
Bij een osteotomie wordt het bot gecontroleerd doorgezaagd en in een andere stand vastgezet. Zo verschuift de belasting naar een beter behouden deel van de knie.
Halve knieprothese
Bij artrose in één compartiment kan soms een halve knieprothese worden geplaatst. Alleen het aangedane gewrichtsdeel wordt vervangen.
Totale knieprothese
Bij een totale knieprothese worden de beschadigde gewrichtsoppervlakken vervangen door metalen en kunststof onderdelen.
Een knieprothese kan pijn sterk verminderen en het functioneren verbeteren. Het gewricht wordt evenwel niet weer volledig normaal.
Mogelijke complicaties zijn:
- infectie;
- trombose;
- stijfheid;
- instabiliteit;
- aanhoudende pijn;
- loslating;
- noodzaak tot een nieuwe operatie.
Ziekenhuizen met specifieke expertise
UMC Utrecht
Het UMC Utrecht behandelt onder meer jonge mensen met ernstige knieartrose en doet onderzoek naar kniedistractie.
Bij kniedistractie worden de gewrichtsvlakken tijdelijk enkele millimeters uit elkaar gehouden met een extern frame. Het doel is het gewricht tijdelijk te ontlasten en herstelprocessen te stimuleren.
De behandeling behoort nog niet tot de gewone standaardzorg.9UMC Utrecht. (z.d.). Kniedistractie. https://www.umcutrecht.nl/nl/behandeling/kniedistractie
Sint Maartenskliniek
De Sint Maartenskliniek in Nijmegen is gespecialiseerd in aandoeningen van het bewegingsapparaat. Het centrum behandelt veel patiënten met knieartrose, knieprothesen en ingewikkelde problemen na een eerdere prothese.
Vooral bij een falende knieprothese of complexe revisiechirurgie kan verwijzing naar een gespecialiseerd centrum zinvol zijn.10Sint Maartenskliniek. (z.d.). Knierevisie bij klachten aan een knieprothese. https://www.maartenskliniek.nl/klachten-knieprothese
Voor gewone knieartrose is een academisch of gespecialiseerd centrum meestal niet nodig. De huisarts, fysiotherapeut en regionale orthopedisch chirurg kunnen het merendeel van de zorg leveren.
Wanneer naar de huisarts?
Maak een afspraak wanneer:
- de kniepijn wekenlang aanhoudt;
- de klachten toenemen;
- de knie geregeld dik wordt;
- traplopen of lopen duidelijk moeilijker wordt;
- de knie regelmatig wegzakt;
- buigen of strekken steeds slechter lukt;
- je dagelijks pijnstillers nodig hebt;
- je twijfelt aan de oorzaak;
- de behandeling onvoldoende helpt.
Dezelfde dag hulp vragen
Neem dezelfde dag contact op met huisarts of huisartsenpost bij:
- een plotseling rode, hete en sterk gezwollen knie;
- koorts en kniezwelling;
- niet op het been kunnen staan na een ongeval;
- een duidelijke standsafwijking;
- een knie die volledig op slot zit;
- plotselinge pijn en zwelling van de kuit;
- benauwdheid of pijn bij ademhalen;
- een pijnlijke knieprothese met koorts of wondvocht.
Een bacteriële gewrichtsinfectie, septische artritis genoemd, moet snel worden behandeld.
Veelgestelde vragen
Is knieartrose slijtage?
Nee. ‘Slijtage’ is een onnauwkeurige en te mechanische omschrijving. Knieartrose is een reumatische gewrichtsaandoening waarbij de kwaliteit van kraakbeen achteruitgaat en ook bot, gewrichtsslijmvlies, kapsel, spieren en andere structuren veranderen.
Wordt artrose erger door bewegen?
Gewone, verstandig opgebouwde beweging maakt knieartrose doorgaans niet erger. Oefentherapie is juist een van de belangrijkste behandelingen.
Zeer eenzijdige of te zware belasting kan klachten tijdelijk verergeren. Het gaat dus om doseren.
Kan kraakbeen terug groeien?
Beschadigd gewrichtskraakbeen herstelt beperkt. Gevorderd verlies groeit niet eenvoudig terug tot een normaal kraakbeenoppervlak.
Klachten en functioneren kunnen niettemin sterk verbeteren zonder dat het kraakbeen zichtbaar herstelt.
Is wandelen goed?
Wandelen is meestal geschikt. Begin met een afstand die je goed verdraagt en bouw geleidelijk op.
Helpt fietsen?
Fietsen beweegt de knie met weinig schokbelasting. Gebruik een lichte versnelling en zet het zadel niet te laag.
Wanneer is een knieprothese nodig?
Een prothese komt in beeld bij ernstige pijn en beperkingen wanneer bewegen, fysiotherapie, gewichtsvermindering, hulpmiddelen en pijnbehandeling onvoldoende resultaat geven.
Knieartrose vraagt beweging, geen berusting
Knieartrose is een vorm van reuma. Het kraakbeen gaat in kwaliteit achteruit, maar het ziekteproces omvat het gehele gewricht. Bot, slijmvlies, menisci, kapsel, spieren en pijnverwerking doen mee.
Dat bredere beeld is geen academische nuance. Het verandert de manier waarop je naar behandeling kijkt. Een zogenaamd versleten knie zou je hoogstens kunnen sparen of vervangen. Een levend gewricht met artrose kun je trainen, ondersteunen, ontlasten en doelgerichter behandelen.
De veranderingen in het gewricht verdwijnen doorgaans niet. De pijn en beperkingen kunnen echter wel degelijk afnemen. Sterkere spieren, een beter gedoseerd beweegpatroon, minder overgewicht en passende pijnbehandeling kunnen het verschil vormen tussen steeds verder terugtrekken en opnieuw ruimte krijgen om te lopen, werken en leven.
Lees verder
Meer over artrose, knieklachten, voeding, kruiden en verantwoord bewegen.
Disclaimer
Dit artikel is uitsluitend bedoeld als algemene informatie over knieartrose en vervangt geen persoonlijk medisch advies, lichamelijk onderzoek of diagnose door een arts. Kniepijn, zwelling en bewegingsbeperking kunnen verschillende oorzaken hebben; neem daarom contact op met je huisarts bij aanhoudende of toenemende klachten, een rode en warme knie, koorts, een knie die op slot zit, plotselinge kuitzwelling of wanneer je na een ongeval niet op het been kunt staan. Gebruik pijnstillers, kruidenmiddelen en voedingssupplementen volgens de bijsluiter en bespreek langdurig gebruik, bijwerkingen en mogelijke wisselwerkingen met je huisarts of apotheker.
Geraadpleegde bronnen
- Bannuru, R. R., Osani, M. C., Vaysbrot, E. E., Arden, N. K., Bennell, K., Bierma-Zeinstra, S. M. A., Kraus, V. B., Lohmander, L. S., Abbott, J. H., Bhandari, M., Blanco, F. J., Espinosa, R., Haugen, I. K., Lin, J., Mandl, L. A., Moilanen, E., Nakamura, N., Snyder-Mackler, L., Trojian, T., Underwood, M., & McAlindon, T. E. (2019). OARSI guidelines for the non-surgical management of knee, hip, and polyarticular osteoarthritis. Osteoarthritis and Cartilage, 27(11), 1578-1589. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/31278997/
- Bannuru, R. R., Osani, M. C., Al-Eid, F., & Wang, C. (2018). Efficacy of curcumin and Boswellia for knee osteoarthritis: Systematic review and meta-analysis. Seminars in Arthritis and Rheumatism, 48(3), 416-429. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/29622343/
- Bensa, A., Sangiorgio, A., Di Martino, A., Filardo, G., Kon, E., & Marcacci, M. (2024). Corticosteroid injections for knee osteoarthritis offer clinical benefits similar to hyaluronic acid and lower than platelet-rich plasma: A systematic review and meta-analysis. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/39222336/
- Bliddal, H., Bays, H., Czernichow, S., Uddén Hemmingsson, J., Hjelmesæth, J., Hoffmann Morville, T., et al. (2024). Once-weekly semaglutide in persons with obesity and knee osteoarthritis. New England Journal of Medicine. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/39476339/
- Dalmonte, T., et al. (2024). Efficacy of extracts of oleogum resin of Boswellia in patients with osteoarthritis: A systematic review and meta-analysis. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/39314013/
- Federatie Medisch Specialisten. (2019). Artroscopie bij artrose van de knie. Richtlijnendatabase. https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/artroscopie_van_de_knie/artroscopische_behandeling_van_knieklachten/artroscopie_bij_artrose_van_de_knie.html
- Federatie Medisch Specialisten. (2019). Diagnostiek heup- of knieartrose. Richtlijnendatabase. https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/artrose_in_heup_of_knie/diagnostiek_heup-_of_knieartrose.html
- Federatie Medisch Specialisten. (2019). Intra-articulaire injecties bij heup- of knieartrose. Richtlijnendatabase. https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/artrose_in_heup_of_knie/behandeling_heup-_of_knieartrose/intra-articulaire_injecties.html
- Federatie Medisch Specialisten. (2019). Oefentherapie bij heup- of knieartrose. Richtlijnendatabase. https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/artrose_in_heup_of_knie/behandeling_heup-_of_knieartrose/oefentherapie_bij_heup-_of_knieartrose.html
- Federatie Medisch Specialisten. (2019). Pijnmedicatie bij artrose in heup of knie. Richtlijnendatabase. https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/artrose_in_heup_of_knie/behandeling_heup-_of_knieartrose/pijnmedicatie_oraal_dermaal.html
- Hunter, D. J., Beavers, D. P., Eckstein, F., Guermazi, A., Loeser, R. F., Nicklas, B. J., Mihalko, S. L., Miller, G. D., Lyles, M. F., DeVita, P., Legault, C., Carr, J. J., Williamson, J. D., & Messier, S. P. (2015). The Intensive Diet and Exercise for Arthritis trial: Radiographic and MRI outcomes. Osteoarthritis and Cartilage, 23(7), 1090-1098. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/25887362/
- Jawanda, H., et al. (2024). Platelet-rich plasma, bone marrow aspirate concentrate, and hyaluronic acid injections for knee osteoarthritis. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/38331363/
- Kolasinski, S. L., Neogi, T., Hochberg, M. C., Oatis, C., Guyatt, G., Block, J., Callahan, L., Copenhaver, C., Dodge, C., Felson, D., Gellar, K., Harvey, W. F., Hawker, G., Herzig, E., Kwoh, C. K., Nelson, A. E., Samuels, J., Scanzello, C., White, D., Wise, B., Altman, R. D., DiRenzo, D., Fontanarosa, J., Giradi, G., Ishimori, M., Misra, D., Shah, A. A., Shmagel, A. K., Thoma, L. M., Turgunbaev, M., & Turner, A. S. (2020). 2019 American College of Rheumatology/Arthritis Foundation guideline for the management of osteoarthritis of the hand, hip, and knee. Arthritis Care & Research, 72(2), 149-162. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/31908149/
- Lawford, B. J., et al. (2024). Exercise for osteoarthritis of the knee. Cochrane Database of Systematic Reviews. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/39625083/
- Messier, S. P., Mihalko, S. L., Legault, C., Miller, G. D., Nicklas, B. J., DeVita, P., Beavers, D. P., Hunter, D. J., Lyles, M. F., Eckstein, F., Williamson, J. D., Carr, J. J., Guermazi, A., & Loeser, R. F. (2013). Effects of intensive diet and exercise on knee joint loads, inflammation, and clinical outcomes among overweight and obese adults with knee osteoarthritis. JAMA, 310(12), 1263-1273. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/24065013/
- Nederlands Huisartsen Genootschap. (z.d.). Niet-traumatische knieklachten. NHG-Richtlijnen. https://richtlijnen.nhg.org/standaarden/niet-traumatische-knieklachten
- Raposo, F., Ramos, M., & Lúcia Cruz, A. (2021). Effects of exercise on knee osteoarthritis: A systematic review. Musculoskeletal Care, 19(4), 399-435. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/33666347/
- Sint Maartenskliniek. (z.d.). Knierevisie bij klachten aan een knieprothese. https://www.maartenskliniek.nl/klachten-knieprothese
- Sint Maartenskliniek. (2025). Onderzoek naar patiënten met een knieprothese. https://www.maartenskliniek.nl/nieuws/onderzoek-naar-patienten-met-een-knieprothese
- UMC Utrecht. (z.d.). GODIVA: onderzoek naar kniedistractie bij knieartrose. https://www.umcutrecht.nl/nl/wetenschappelijk-onderzoek/godiva
- UMC Utrecht. (z.d.). Knie. https://www.umcutrecht.nl/nl/knie
- UMC Utrecht. (z.d.). Kniedistractie. https://www.umcutrecht.nl/nl/behandeling/kniedistractie
- Zhao, J., et al. (2024). Efficacy and safety of curcumin therapy for knee osteoarthritis: A systematic review and meta-analysis. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/38036015/
Reacties en ervaringen
Heb je zelf knieartrose, herken je bepaalde klachten of heb je ervaring met fysiotherapie, afvallen, een kniebrace, injecties of een knieprothese? Deel je ervaring gerust hieronder. Reacties kunnen anderen helpen, maar persoonlijke ervaringen vervangen geen medisch advies. Vermeld geen privégegevens en plaats geen reclame of medische claims. Iedere reactie wordt vooraf gecontroleerd om spam en misbruik tegen te gaan; daardoor kan het enkele uren duren voordat je bijdrage zichtbaar wordt.
Drie artikelen uit dezelfde hoofdrubriek, wekelijks opnieuw geselecteerd.
De ziekte van Alzheimer is een hersenziekte waarbij zenuwcellen langzaam beschadigd raken, waardoor vooral het geheugen en het…
Lees het artikel
Watervergiftiging ontstaat wanneer je in korte tijd meer water drinkt dan je lichaam via de nieren kan uitscheiden.…
Lees het artikel
Diabetes insipidus is een zeldzame aandoening waarbij je lichaam te veel water verliest doordat het hormoon vasopressine ontbreekt…
Lees het artikel