Als God liefde is, hoe kan er dan een hel zijn?

Last Updated on 8 mei 2026 by M.G. Sulman

Hoe kan een liefdevolle God een hel toestaan, en gaan mensen volgens de Bijbel werkelijk verloren omdat zij “niet geloven”? Op het Freethinker Forum wordt die vraag scherp gesteld: als christenen zeggen dat God alomtegenwoordig is, is Hij dan ook in de hel, of valt die plek buiten Zijn bereik?1Freethinker.nl. (2010, 27 oktober). 95 stellingen / 200 vragen aan een christen. De aangehaalde vraag staat onder 9a in het forumonderwerp “95 stellingen / 200 vragen aan een christen”. Die vraag raakt aan een misverstand dat dikwijls terugkeert. De Bijbel leert niet dat de hel een straf is voor een gebrek aan religieuze informatie, maar dat Gods oordeel gaat over zonde: schuld, opstand en het weigeren van Gods recht op ons leven. Ongeloof is daarbij niet een los denkfoutje, maar het buiten Christus blijven, de enige Redder van zondaren. juist daarom vraagt deze kwestie om meer dan een snelle repliek; ze vraagt om een nuchtere, Bijbelse doordenking van liefde, oordeel, schuld, genade en Gods aanwezigheid.

Drie jonge vrouwen lezen samen buiten in het zonlicht uit een Bijbel met zwarte kaft waarop "Holy Bible" staat.
Bijbelse doordenking / Dream Perfection/Shutterstock.com

Als God liefde is, waarom is er dan een hel?

Een vraag die je niet met een trucje oplost

Op het Freethinker Forum staat de vraag hoe een liefdevolle God kan toestaan dat er een hel is voor mensen die niet in Hem geloven. Daarbij wordt nog iets toegevoegd: als God volgens christenen alomtegenwoordig is, is Hij dan ook in de hel, of valt die plek buiten Zijn reikwijdte? De vraag staat in een breder forumonderwerp met 200 kritische vragen aan christenen, waaronder deze specifieke vraag over hel, ongeloof en Gods alomtegenwoordigheid.2Freethinker.nl. (2010, 27 oktober). 95 stellingen / 200 vragen aan een christen. De aangehaalde vraag staat onder 9a in het forumonderwerp “95 stellingen / 200 vragen aan een christen”.

Dat is geen vraag die je met een vlug dogmatisch antwoord moet wegduwen, alsof het slechts om een lastige tegenwerping in een debat gaat. Daarvoor is zij te ernstig. Wie over de hel spreekt, spreekt immers niet over een losstaand leerstukje aan de rand van het geloof, maar over God, mens, schuld, oordeel, verzoening en eeuwigheid. Je kunt er goedkoop over doen, maar dan wordt het al snel hard, lelijk en karikaturaal. Je kunt er ook omheen draaien, maar dan doe je de Schrift geen recht.

Toch vraagt deze kwestie meteen aan het begin om een noodzakelijke correctie. De Bijbel zegt niet dat mensen verloren gaan omdat zij toevallig het juiste religieuze wachtwoord niet kenden, of omdat zij ergens onderweg een stukje informatie hebben gemist. De hel is geen straf voor een puur intellectueel tekort. De hel is Gods oordeel over de zonde: over de werkelijkheid dat de mens God niet liefheeft boven alles, Zijn geboden breekt, zichzelf tot maatstaf maakt en zich, van nature, niet wil laten verzoenen op Gods wijze.

Ongeloof is daarbij niet onbelangrijk, alsof het slechts een neutrale twijfel of een wat ongelukkige misvatting zou zijn. Maar het staat ook niet los van de zonde. Ongeloof is, Bijbels gesproken, het buiten Christus blijven; het weigeren, veronachtzamen of voorbijgaan aan Hem in Wie juist vergeving, rechtvaardiging en verzoening worden geschonken. Het is niet een klein gebrek aan religieuze kennis, maar de gestalte waarin het menselijke hart zich afkeert van Gods genade.

Dat verschil is beslissend. Zonder dat onderscheid wordt het christelijk geloof een karikatuur: alsof God mensen verwerpt omdat zij een formule niet konden nazeggen, terwijl de Schrift juist laat zien dat het oordeel gaat over schuld, opstand, verlorenheid en de weigering van de enige Middelaar. Alleen tegen die achtergrond krijgt de vraag naar hel, liefde en gerechtigheid haar ware scherpte.

Eerst dit: de hel is oordeel over zonde

De Bijbelse lijn is helder: de mens staat schuldig voor God vanwege zonde. Zonde betekent dat de mens Gods doel mist, Zijn wet overtreedt, Zijn goedheid wantrouwt en Hem de eer onthoudt die Hem toekomt. Het gaat dus om meer dan “fouten maken”. Een fout maak je per ongeluk bij een rekensom, of doordat je de verkeerde afslag neemt. Zonde raakt dieper; zij raakt de verhouding tot God Zelf.

Paulus schrijft: “Want allen hebben gezondigd en missen de heerlijkheid van God” (Romeinen 3:23). Even later klinkt het nog scherper: “Want het loon van de zonde is de dood” (Romeinen 6:23). Dat is de Bijbelse grondlijn. Het oordeel komt niet omdat iemand te weinig religieuze informatie in zijn hoofd had, alsof God mensen afrekent op een gemiste catechisatieles, maar omdat de mens als zondaar voor God staat.

Daarom moeten we voorzichtig zijn met de formulering: “Christenen geloven dat je naar de hel gaat omdat je niet gelooft.” Dat is te dun, en uiteindelijk ook misleidend. Beter is: de mens gaat verloren vanwege zonde; ongeloof is het verwerpen, of buiten zich laten liggen, van de enige Redder van zonden.

Een eenvoudig voorbeeld kan helpen, al blijft elk voorbeeld natuurlijk beperkt. Stel dat iemand dodelijk ziek is en er is werkelijk één medicijn dat geneest. De ziekte is dan de oorzaak van het sterven. De weigering van het medicijn is niet de oorspronkelijke ziekte, maar wel de reden dat iemand in die toestand blijft. Zo moet je ongeloof ongeveer plaatsen. De zonde is de schuld; ongeloof is het blijven buiten Christus, Die juist voor schuldige mensen gekomen is.

Schilderij van de apostel Paulus door Rembrandt, zittend met een geopend manuscript en een zwaard op de achtergrond.
Rembrandts Paulus / Bron: Wikimedia Commons

Ongeloof is geen losse overtreding, maar het blijven buiten Christus

Toch is ongeloof in de Bijbel niet neutraal. Het is geen rustige, onbevlekte twijfel in een vacuüm. Johannes schrijft: “Wie in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld, maar wie niet gelooft, is al veroordeeld, omdat hij niet geloofd heeft in de Naam van de eniggeboren Zoon van God” (Johannes 3:18).

Let op de volgorde. De mens is “al veroordeeld”. Hij begint niet in een veilige neutrale zone. Hij staat als zondaar voor God. Het evangelie komt vervolgens niet als een vrijblijvende religieuze optie, maar als Gods reddende openbaring.

Openbaring betekent dat God bekendmaakt wat wij uit onszelf niet zuiver kunnen vinden: wie Hij is, wie wij zijn, wat zonde is, wie Christus is en hoe een mens met God verzoend wordt. Verzoening betekent dat de verbroken verhouding tussen God en mens wordt hersteld doordat schuld werkelijk wordt gedragen en weggedaan.

Ongeloof is dan niet simpelweg “niet overtuigd zijn”. Het is, in de diepste Bijbelse zin, het afwijzen van Gods getuigenis over Zijn Zoon. “Wie de Zoon ongehoorzaam is, zal het leven niet zien, maar de toorn van God blijft op hem” (Johannes 3:36). Dat laatste woord is belangrijk: blijft. Ongeloof brengt iemand niet vanuit onschuld naar schuld; het laat hem onder de schuld waarin hij reeds staat.

De Bijbel begint niet bij de hel, maar bij God

Wie de hel wil begrijpen, moet niet bij de hel beginnen. Dan krijg je al snel losse beelden, middeleeuwse gruwelplaatjes of moderne spotprenten. De Bijbel begint bij God: “In het begin schiep God de hemel en de aarde” (Genesis 1:1).

God is de Schepper. Dat betekent dat alles wat bestaat zijn bestaan aan Hem dankt. Hij is geen onderdeel van de werkelijkheid of een kracht binnen het universum. Hij is de HEERE, de levende God, Die spreekt en het is er. Schepping betekent daarom ook eigendom. Wat God maakt, behoort Hem toe.

Dat schuurt met onze moderne autonomie. Autonomie betekent letterlijk: jezelf tot wet zijn. Je bepaalt zelf wie je bent, wat goed is, wat waar is, wat je lichaam betekent, wat schuld is, waar je leven naartoe moet. In de Bijbel is dat precies de oerzonde: de mens wil zelf bepalen wat goed en kwaad is (Genesis 3:5-6).

Daarom is het oordeel van God geen willekeurig ingrijpen van buitenaf. Het is de Schepper Die Zijn schepping rechtzet. Het is de Koning Die Zijn koninkrijk niet laat eindigen in leugen, moord, hoogmoed, afgoderij en zelfverheerlijking.

De mens als beeld van God: waardigheid én verantwoordelijkheid

Genesis 1 zegt dat de mens geschapen is naar Gods beeld (Genesis 1:26-27). De klassieke term daarvoor is Imago Dei, Latijn voor “beeld van God”. Dat betekent niet dat je uiterlijk op God lijkt. God is Geest (Johannes 4:24). Het betekent dat de mens door God is gemaakt om Hem te kennen, Hem te vertegenwoordigen, moreel te handelen, verantwoordelijkheid te dragen en in gemeenschap met Hem te leven.

Dat is de grond van menselijke waardigheid. Een mens is geen toevallig chemisch project, geen tijdelijk samenraapsel van cellen dat slechts waarde heeft zolang het functioneert, presteert of bewonderd wordt. Een kwetsbaar kind, een demente oudere, een gehandicapte man, een ongeboren leven: hun waarde hangt niet aan nut, intelligentie, schoonheid, gezondheid of maatschappelijke bijdrage. Zij dragen, hoe broos en geschonden soms ook, het stempel van Gods scheppende hand.

Maar dezelfde waarheid maakt de menselijke schuld ook ernstiger. Juist omdat de mens beeld van God is, is zijn opstand tegen God geen kleinigheid en geen onschuldig mankement. Een steen kan God niet loven met verstand en hart. Een dier overtreedt Gods gebod niet op de wijze waarop een mens dat doet. De mens weet, spreekt, kiest, begeert, bemint, haat, aanbidt en richt zijn leven ergens op. Als zo’n schepsel zich van God afkeert, is dat geen klein defect in een verder nette machine. Het is verraad aan zijn bestemming.

Zonde is daarom theologisch geladen. Zij is niet slechts schade aan jezelf of aan je medemens, ofschoon zij dat zeker ook is. Zij is schuld tegenover God. David zegt na zijn zonde: “Tegen U, U alleen, heb ik gezondigd” (Psalm 51:6). Dat betekent niet dat David niemand anders kwaad had gedaan; hij had dat juist wel. Het betekent dat alle zonde ten diepste voor Gods aangezicht plaatsvindt, omdat God de Schepper, Wetgever en Rechter is voor Wie de mens leeft.

Imago Dei -- elke mens draagt de afdruk van zijn Maker (Genesis 1:27)
Imago Dei — elke mens draagt de afdruk van zijn Maker (Genesis 1:27) / Bron: Martin Sulman

Zonde is geen krasje op een verder gaaf bestaan

De Bijbel is ontnuchterend over de mens. Niet omdat zij graag somber doet, alsof zwartgalligheid een deugd zou zijn, maar omdat zij waar spreekt. In Romeinen 1 beschrijft Paulus hoe mensen de waarheid “in ongerechtigheid onderdrukken” (Romeinen 1:18). Dat is ferme taal. De mens is niet slechts iemand die nog wat extra religieuze coaching nodig heeft, of een paar morele aanwijzingen om weer netjes op koers te komen. Hij is iemand die Gods werkelijkheid kent, maar haar wegduwt; niet neutraal, maar betrokken in verzet. Een rebel. 

Daarom spreekt de Schrift ook over dood zijn in zonden en misdaden (Efeze 2:1). Dat is geen medische dood, alsof mensen niet meer kunnen denken, liefhebben, werken, lachen of verantwoordelijkheid dragen. Het is geestelijke dood: los van de levende God, zonder ware liefde tot Hem, zonder het leven dat uit Hem komt. Een mens kan dus maatschappelijk keurig functioneren en toch geestelijk dood zijn. Dat is geen aangename diagnose, maar wel de Bijbelse.

Hier raakt de leer van de erfzonde aan het concrete leven. Erfzonde betekent dat de mensheid in Adam gevallen is en dat wij niet als moreel onbeschreven bladen geboren worden. Je hoeft een kind niet te leren zichzelf in het middelpunt te zetten; dat gaat tamelijk vanzelf. Je moet het juist leren delen, danken, wachten, luisteren, eerlijk spreken en rekening houden met een ander. De gebrokenheid zit niet slechts in slechte voorbeelden of ongelukkige omstandigheden. Zij zit dieper, in het hart van de mens.

Dat klinkt hard voor moderne oren, die graag geloven dat de mens van nature goed is en vooral door zijn omgeving deraillleert. Toch verklaart deze Bijbelse diagnose veel. Waarom is de mens tegelijk indrukwekkend en gevaarlijk? Waarom kan hij muziek schrijven, zieken verzorgen, recht zoeken en een kind teder vasthouden, maar ook liegen, chanteren, haten, misbruiken en moorden? Omdat hij beeld van God blijft, maar gevallen beeld van God is. Groot en krom tegelijk.

Klassiek renaissanceschilderij van Adam en Eva in twee smalle panelen in het paradijs. Links staat Adam met een tak voor zijn naaktheid; rechts staat Eva met een appel in de hand, terwijl boven haar een slang om een tak kronkelt. Rondom hen staan bomen, vruchten en dieren.
Adam en Eva, Lucas Cranach de Oude, circa 1528. Klassiek renaissancistisch tweeluik van de zondeval, met de appel, de slang en de geladen stilte tussen beide figuren als verbeelding van verzoeking, overtreding en het begin van de val. / Bron: Wikiemdia Commons

Gods liefde is heilige liefde

De forumvraag zet Gods liefde tegenover de hel, alsof die twee elkaar bij voorbaat uitsluiten. Als God liefdevol is, zo luidt de redenering, hoe kan Hij dan oordelen? Maar de Bijbel kent geen liefde die losstaat van Gods heiligheid. Gods liefde is geen week sentiment of hemelse goedigheid zonder ruggengraat, maar heilige liefde.

Heiligheid betekent dat God volmaakt zuiver is, geheel toegewijd aan Zijn eigen eer en zonder enige vermenging met kwaad. Hij is licht, en “in Hem is in het geheel geen duisternis” (1 Johannes 1:5). Dat betekent dat Gods liefde geen zachte toegeeflijkheid is. Zij is geen kosmische goedmoedigheid die uiteindelijk zegt: ach, zand erover, het viel allemaal wel mee.

Een rechter die verkrachting, moord of verraad wegwuift, is niet liefdevol. Hij is onrechtvaardig. Een vader die ziet dat zijn kind zichzelf vernielt en nooit waarschuwt, nooit ingrijpt en nooit iets kwaad noemt, is niet mild. Hij is nalatig. Liefde zoekt het goede, en juist daarom kan liefde het kwaad niet eindeloos laten woekeren alsof het er niet toe doet.

Gods liefde is dus geen zwakte in Hem. Zij is verbonden met Zijn recht. Rechtvaardigheid betekent dat God altijd recht doet aan Wie Hij is, aan Zijn wet, aan Zijn schepselen en aan de werkelijkheid van schuld. Hij liegt niet over het kwaad. Hij noemt bitter niet zoet, en duisternis niet licht.

Juist daarom is de hel niet het bewijs dat Gods liefde ontbreekt. Zij laat zien dat God het kwaad niet uiteindelijk ongestraft laat triomferen. Zijn liefde is geen vergoelijking van schuld, maar een heilige liefde die het goede liefheeft, het kwaad haat en alleen verzoening schenkt langs de weg van waarheid en recht.

Jonge Syrische man van 19 jaar staat terecht voor de rechter in een Nederlandse rechtbank, met rechters en politie op de achtergrond.
Een rechter die verkrachting, moord of verraad wegwuift, is allesbehalve liefdevol. / Bron: Martin Sulman

Wat Jezus Zelf over de hel zegt

Soms wordt gedaan alsof de hel vooral een later kerkelijk verzinsel is, een donkere bijlage bij een oorspronkelijk vriendelijker geloof. Dan klinkt het alsof eenvoudige mensen eerst een milde Jezus hadden, waarna strenge theologen er later een dreigend systeem omheen bouwden. Maar dat beeld houdt geen stand zodra je de evangeliën werkelijk leest. Juist Jezus spreekt ernstig, helder en herhaaldelijk over het oordeel.

Hij zegt: “Vrees veeleer Hem Die zowel ziel als lichaam te gronde kan richten in de hel” (Mattheüs 10:28). Hij waarschuwt voor de buitenste duisternis, waar mensen worden buitengesloten van het Koninkrijk dat zij verachtten (Mattheüs 8:12; 22:13; 25:30). En Hij spreekt over “eeuwige straf” en “eeuwig leven” in één adem, zodat je het ene begrip niet eenvoudig kunt verzwakken zonder ook het andere aan te tasten (Mattheüs 25:46). Wie de hel uit het christelijk geloof wil snijden, moet dus niet beginnen bij een latere dominee of een middeleeuwse angstcultuur, maar bij Christus Zelf.

Dat moet je even laten staan. Dezelfde Jezus Die kinderen zegent, zondaars ontvangt, melaatsen aanraakt en huilt over Jeruzalem, waarschuwt voor de hel. Zijn waarschuwingen zijn geen uitbarstingen van religieuze agressie en ook geen retorische bangmakerij. Zij komen uit de mond van Hem Die gekomen is “om te zoeken en zalig te maken wat verloren is” (Lukas 19:10). Juist omdat Hij de Verlosser is, spreekt Hij zo ernstig over verloren gaan.

Gehenna: geen Grieks verzinsel, maar Bijbelse ernst

Vaak wordt gezegd dat de hel eigenlijk uit Griekse voorstellingen is overgenomen, alsof het christelijk geloof hier een stuk heidense onderwereld heeft binnengesmokkeld en daar later een kerkelijk leerstuk van heeft gemaakt. Het Freethinker-forum wijst in die richting wanneer het stelt dat Gehenna en de christelijke hel beïnvloed zouden zijn door oude Griekse opvattingen.3Freethinker.nl. (2010, 27 oktober). 95 stellingen / 200 vragen aan een christen. De aangehaalde vraag staat onder 9a in het forumonderwerp “95 stellingen / 200 vragen aan een christen”. Daar moet je eerlijk naar kijken, niet wegwuivend en ook niet krampachtig. Natuurlijk bestonden er in de oudheid allerlei voorstellingen over dood, onderwereld, straf en vergelding. Maar de Bijbelse leer over het oordeel kun je niet simpelweg afdoen als Griekse import.

Het woord Gehenna verwijst naar het dal van Hinnom bij Jeruzalem, een plaats met een donkere geschiedenis van afgoderij, verbondsverraad en kinderoffers (2 Koningen 23:10; Jeremia 7:31-32). Juist daarom werd dat dal in de profetische prediking een geladen plaats: niet slechts een geografische locatie, maar een teken van Gods oordeel over religieuze gruwel en moreel verval. Wanneer Jezus over Gehenna spreekt, gebruikt Hij dus geen willekeurig mythologisch decor uit de Griekse wereld, maar grijpt Hij terug op een Bijbelse geschiedenis die Zijn hoorders heel goed konden verstaan.

Het gaat derhalve om de voortzetting van een Bijbelse lijn: God oordeelt afgoderij, bloedvergieten en verbondsbreuk. De hel komt niet uit de lucht vallen als een latere, duistere bijlage bij het geloof. Zij staat in het verlengde van wat de Schrift telkens laat zien: dat God geduldig is, lankmoedig zelfs, maar dat Zijn geduld geen vergoelijking van het kwaad is.

Verbond betekent in de Bijbel: de door God ingestelde verhouding waarin Hij Zich aan mensen verbindt en hen roept tot trouw. Denk aan Gods verbond met Abraham, met Israël, en uiteindelijk aan de vervulling van Gods beloften in Christus. Verbondsbreuk is daarom geen koel contractueel probleem, alsof iemand slechts een clausule in kleine lettertjes heeft overtreden. Het is het verbreken van een heilige relatie; het afkeren van de God Die spreekt, belooft, waarschuwt en roept.

Landschapsfoto van het Hinnomdal bij Jeruzalem, met bomen op de voorgrond en bebouwing op de heuvel in de verte.
Het Hinnomdal bij Jeruzalem; de historische vallei waar de term Gehenna van is afgeleid. / Bron: Wikimedia Commons

Buitenste duisternis, vuur en tweede dood

De Bijbel gebruikt verschillende beelden voor het laatste oordeel: vuur, duisternis, verderf, uitsluiting en dood. Die beelden moet je serieus nemen, zonder er een kinderachtige stripvoorstelling van te maken. Het gaat niet om karikaturen met rode duiveltjes en prikkende hooivorken, maar om taal die de verschrikking van verlorenheid onder woorden brengt.

“Vuur” wijst op Gods brandende heiligheid en op Zijn oordeel over alles wat kwaad, onrein en opstandig is (Mattheüs 13:42; Openbaring 20:15). “Buitenste duisternis” wijst op buitengesloten zijn van de vreugde, gemeenschap en heerlijkheid van Gods Koninkrijk (Mattheüs 25:30). “Tweede dood” wijst op de definitieve toestand van verlorenheid na het laatste oordeel, wanneer er geen terugkeer, herstel of uitstel meer is (Openbaring 20:14).

Zijn dat beelden? Ja, dikwijls wel. Maar een beeld is in de Bijbel geen verzachting. Dat moeten we goed vasthouden. Een beeld kan juist dichter bij de ernst komen dan een abstract begrip. Als iemand zegt dat verdriet voelt als een steen op de borst, dan bedoelt hij niet dat het eigenlijk wel meevalt omdat het “maar beeldspraak” is. Integendeel, het beeld helpt juist om de zwaarte te voelen.

Zo is het ook met de Bijbelse taal over het oordeel. Wanneer Jezus spreekt over duisternis, vuur en geween, is dat niet bedoeld om de lezer gerust te stellen of de zaak allengs wat vriendelijker te maken. Het is waarschuwingstaal. Zij wil wakker schudden. Zij zegt: dit is de ernst van zonde, dit is het einde van een leven buiten God, dit is wat het betekent om niet verzoend te zijn met Hem Die licht, leven en waarheid is.

Is God ook in de hel?

Nu komt de tweede vraag, en die is theologisch niet minder belangrijk: als God alomtegenwoordig is, is Hij dan ook in de hel? Of valt die plaats, om het zo te zeggen, buiten Zijn reikwijdte?

Alomtegenwoordigheid betekent dat God overal tegenwoordig is. Hij is niet aan een plaats gebonden zoals een mens aan een stoel, een kamer of een huis gebonden is. God vult hemel en aarde, zonder dat Hij samenvalt met de schepping. Hij is dus niet een soort geestelijke mist die overal doorheen zweeft, maar de levende God Die alles draagt, kent, regeert en doorgrondt. Jeremia 23:24 zegt: “Vervul Ik niet de hemel en de aarde? spreekt de HEERE.” En Psalm 139 vraagt: “Waar kan ik Uw Geest ontgaan, waar Uw aangezicht ontvluchten?” Zelfs in het dodenrijk is God niet afwezig (Psalm 139:7-8).

Dus nee, de hel valt niet buiten Gods bereik. Er bestaat geen plaats waar God niet God is, geen verborgen kelder van het heelal waar Hij Zijn gezag verliest, geen duistere vrijstaat waarin de duivel zijn eigen soevereine rijk zou hebben ingericht. De hel is niet Satans koninkrijk waar God buitengesloten is. Satan is geen tegen-god, geen eeuwige rivaal naast de HEERE, maar een gevallen schepsel, reeds geoordeeld, en zijn einde ligt onder Gods vonnis (Openbaring 20:10).

Gods alomtegenwoordigheid uitgelegd

Hier moet je een belangrijk onderscheid maken: dat tussen Gods algemene tegenwoordigheid en Gods genadige tegenwoordigheid. Zonder dat onderscheid ontstaat er al snel verwarring, alsof Gods aanwezigheid altijd op precies dezelfde manier ervaren wordt.

Gods algemene tegenwoordigheid betekent dat Hij overal aanwezig is met Zijn macht, kennis en regering. Hij kent alle dingen, doorziet alle harten, onderhoudt de werkelijkheid en regeert over alles wat bestaat. Onderhouding betekent dat de schepping geen seconde zelfstandig bestaat, alsof God haar ooit heeft opgestart en daarna heeft losgelaten. God geeft adem, tijd, orde, bestaan en samenhang. Paulus zegt in Athene: “In Hem leven wij, bewegen wij ons en bestaan wij” (Handelingen 17:28). Dat geldt niet slechts voor gelovigen, maar voor heel de schepping.

Gods genadige tegenwoordigheid betekent iets anders. Dan is God nabij tot vergeving, gemeenschap, vrede, troost en vreugde. Dat is wat Psalm 16 bedoelt wanneer daar staat: “Overvloed van blijdschap is bij Uw aangezicht” (Psalm 16:11). Dat is niet slechts bestaan onder Gods macht, maar leven in Zijn gunst. Het is niet alleen dat God je ziet en draagt, maar dat Hij Zich in genade tot je wendt.

Daarom is de hel geen afwezigheid van God in absolute zin. Dat zou theologisch onjuist zijn. De hel is de afwezigheid van Gods verzoende nabijheid. God is daar aanwezig als Rechter, niet als Vaderlijke Trooster. Hij is daar aanwezig in heilig oordeel, niet in gemeenschap, vrede en verzoening. Dat is juist het verschrikkelijke: niet dat God er niet is, maar dat Hij er niet is tot zaligheid.

Aanwezig tot oordeel, niet tot verzoende gemeenschap

Dat verschil zie je door heel de Schrift. Toen Adam en Eva gezondigd hadden, was God niet afwezig in de hof. Integendeel, Zijn komst maakte hun schuld zichtbaar (Genesis 3:8-10). Voor de gelovige is Gods aangezicht leven. Voor de schuldige mens die zich verbergt, wordt datzelfde aangezicht ontmaskering.

Openbaring 6 tekent mensen die roepen tot de bergen: “Val op ons en verberg ons voor het aangezicht van Hem Die op de troon zit, en voor de toorn van het Lam” (Openbaring 6:16). Dat is aangrijpend. Het Lam is Christus. Dezelfde Christus Die Zich liet slachten voor zondaren, verschijnt daar als Rechter.

De vraag is dus niet of God in de hel is. De vraag is: hoe is Hij daar aanwezig? De Bijbel geeft dit antwoord: niet als Bron van vreugde en verzoende gemeenschap, maar als de heilige God Wiens oordeel niet meer ontweken wordt.

De afbeelding toont een gravure van Adam en Eva, de eerste man en vrouw volgens de Bijbel.
Jan Saenredam (1565–1607): Eva biedt Adam een appel aan van de boom der kennis van goed en kwaad. De slang, rond de stam gekronkeld, reikt haar een andere appel aan. / Bron: Wikimedia Commons

Waarom het kruis onmisbaar is in dit gesprek

Wie over de hel spreekt zonder over het kruis te spreken, spreekt on-Bijbels. Dan wordt het oordeel een los dreigstuk, hard en kaal, terwijl de Schrift het altijd plaatst binnen de werkelijkheid van zonde, schuld, verzoening en genade. De hel toont de ernst van zonde, maar het kruis toont die ernst nog dieper. Want nergens wordt duidelijker wat zonde is dan daar waar de Zoon van God lijdt onder haar vloek.

Aan het kruis draagt Christus de vloek. Vloek betekent: Gods rechtvaardige oordeel over de zonde. Paulus schrijft: “Christus heeft ons vrijgekocht van de vloek van de wet door voor ons een vloek te worden” (Galaten 3:13). Vrijgekocht betekent dat er werkelijk een prijs betaald is. Niet in geld, niet in religieuze inspanning, niet in menselijke verdienste, maar in Zijn lijden, gehoorzaamheid en bloed. Het kruis is dus geen dramatisch gebaar van medeleven alleen; het is plaatsvervangend dragen van schuld.

Hier komt rechtvaardiging in beeld. Rechtvaardiging betekent dat God een schuldige vrijspreekt op grond van Christus’ gerechtigheid. Dat is geen vaag innerlijk opknappen en ook geen religieuze zelfverbetering, maar een rechterlijke uitspraak van God. De zondaar staat schuldig, werkelijk schuldig, maar wordt in Christus rechtvaardig verklaard. Niet omdat zijn schuld onbelangrijk was, maar omdat Christus die schuld heeft gedragen en volkomen gerechtigheid heeft aangebracht.

En hier komt verzoening terug. Verzoening betekent dat Christus de schuld draagt waardoor de vijandschap tussen God en mens wordt weggenomen. Er komt vrede, niet omdat God doet alsof er niets gebeurd is, maar omdat het oordeel werkelijk is gedragen. Paulus schrijft: “Wij dan, gerechtvaardigd uit het geloof, hebben vrede bij God door onze Heere Jezus Christus” (Romeinen 5:1). Dat is geen oppervlakkige geruststelling, maar vrede die rust op recht.

Zie je hoe Bijbels de samenhang is? Zonde brengt schuld. Schuld vraagt oordeel. Oordeel wordt door Christus gedragen voor allen die in Hem zijn. Geloof is de band met Christus; niet als menselijke prestatie waarmee iemand zichzelf redt, maar als het ontvangen van Hem Die redt. Ongeloof laat de mens buiten Christus en dus onder zijn eigen schuld.

Daarom is ongeloof zo ernstig. Niet omdat God gekrenkt zou zijn door een gebrek aan religieuze interesse, alsof Hij om aandacht verlegen zat, maar omdat ongeloof de Zoon verwerpt Die juist gegeven is tot redding. Het weigert de enige schuilplaats tegen het oordeel. En juist daarom kan het kruis in dit gesprek niet ontbreken: wie de hel begrijpt zonder Golgotha, begrijpt haar niet Bijbels; wie Golgotha werkelijk ziet, kan de ernst van de hel niet meer wegpoetsen.

Vage, symbolische afbeelding van het lege graf van Jezus bij zonsopkomst, met een oplichtende grotopening, een achtergelaten grafdoek en drie kruisen in de verte.
Het lege graf in het eerste licht van de morgen: geen directe uitbeelding van Christus zelf, maar een verstilde verwijzing naar de opstanding, met de grafdoek op de voorgrond en de kruisen nog vaag zichtbaar aan de horizon. / Bron: M.G. Sulman

Verkiezing, schuld en verantwoordelijkheid

Hier komt een moeilijke, maar voluit Bijbelse laag bij. De Schrift spreekt namelijk niet alleen over zonde, oordeel en geloof, maar ook over Gods verkiezing. Verkiezing betekent dat God uit genade mensen tot zaligheid verkiest, niet omdat Hij in hen iets beters voorziet, niet omdat zij verstandiger, gevoeliger of religieuzer zouden zijn, maar omdat Hij barmhartig is. Paulus schrijft: “Hij heeft ons vóór de grondlegging van de wereld in Hem uitverkoren” (Efeze 1:4).

Dat roept vragen op, en dat is begrijpelijk. Als God verkiest, blijft de mens dan verantwoordelijk? De Bijbel zegt ja. Niet voorzichtig, niet halfslachtig, maar voluit. De mens wordt geoordeeld om zijn zonden. In Openbaring staat: “En de doden werden geoordeeld overeenkomstig wat in de boeken geschreven stond, naar hun werken” (Openbaring 20:12). Let op die formulering: naar hun werken. Niet naar een verborgen besluit dat zij niet konden lezen, niet naar een hemels register waar zij nooit toegang toe hadden, maar naar hun werkelijke schuld, hun concrete leven, hun daden, hun woorden, hun ongeloof en hun verzet tegen God.

Gods soevereiniteit en menselijke verantwoordelijkheid staan in de Schrift naast elkaar. Soevereiniteit betekent dat God werkelijk regeert, ook over redding; Hij is geen machteloze toeschouwer die slechts afwacht wat de mens uiteindelijk zal doen. Verantwoordelijkheid betekent dat de mens werkelijk schuldig is aan zijn zonde en ongeloof; hij is geen willoos voorwerp dat buiten zijn hart, wil en begeerten om verloren gaat. De mens zondigt vrijwillig, niet gedwongen tegen zijn zin in, maar vanuit een hart dat van nature niet naar God vraagt.

De Bijbel voelt geen behoefte om één van beide waarheden weg te vijlen. Dat vinden wij lastig. Wij willen dikwijls een systeem dat wij kunnen overzien, een soort theologische machine waarvan ieder radertje zichtbaar en meetbaar draait. Maar de Schrift doet iets anders. Zij buigt ons verstand onder Gods spreken. Zij zegt tegelijk: redding is geheel genade, en schuld is werkelijk schuld. Wie behouden wordt, heeft niets om op te roemen. Wie verloren gaat, heeft niets om God van onrecht te beschuldigen.

Dat betekent niet dat je geen vragen mag stellen of dat nadenken verdacht zou zijn. Het is ook geen goedkope vlucht in mysterie zodra het spannend wordt. Het is erkennen dat de heilige God niet in onze handpalm past. Ons verstand mag vragen, zoeken, onderscheiden en formuleren, maar het mag niet op de rechterstoel gaan zitten boven Gods openbaring. Juist hier past ootmoed: God is God, de mens is mens, en genade blijft genade.

De afbeelding toont een open boek op een houten tafel, omringd door herfstbladeren. Het boek lijkt op een Bijbel, het heilige boek van het christendom.
De Bijbel voelt geen behoefte om één van beide waarheden weg te vijlen. / Bron: Freepik

Geen sadisme, geen karikatuur, maar ook geen goedkope troost

De Bijbel geeft nergens ruimte aan plezier in verlorenheid. Dat moet nadrukkelijk gezegd worden, omdat juist dit onderwerp gemakkelijk kan ontsporen in een harde, religieuze toon die meer zegt over de spreker dan over God. Ezechiël 33:11 zegt: “Zo waar Ik leef, spreekt de Heere HEERE, Ik vind geen vreugde in de dood van de goddeloze, maar daarin dat de goddeloze zich bekeert van zijn weg en leeft.” Dat is geen bijzin in de Schrift. Het is een venster op Gods ernstige roepstem.

Bekering betekent: omkeren tot God. Niet alleen schrikken van de gevolgen van je daden, niet slechts spijt hebben omdat het leven vastloopt, maar je zonde erkennen, je wapens neerleggen en terugkeren tot de HEERE. Bekering is dus geen religieuze make-over, geen nieuwe laag fatsoen over een oud hart, maar een werkelijk terugkeren tot de God van Wie de mens zich heeft afgekeerd.

Ook Jezus spreekt niet over oordeel met een koude glimlach. Hij huilt over Jeruzalem (Lukas 19:41-44). Dat is veelzeggend. Dezelfde Christus Die scherp waarschuwt, weent over een stad die Hem niet wil kennen. Zijn waarschuwingen komen niet voort uit wreedheid, maar uit waarheid en ontferming. Hij zegt: “Kom naar Mij toe, allen die vermoeid en belast bent, en Ik zal u rust geven” (Mattheüs 11:28). Wie die woorden hoort, kan van Jezus geen kille onheilsprofeet maken.

Daarom past bij de hel geen religieuze bravoure. Geen stoere toon. Geen triomf over “de anderen”. Geen zelfverzekerd wijzen naar mensen buiten de eigen kring, alsof dit onderwerp vooral geschikt is om tegenstanders eens stevig de maat te nemen. Als je de hel werkelijk Bijbels benadert, begin je niet met wijzen naar buiten, maar met buigen. Wie zichzelf kent voor God, spreekt over het oordeel met ernst, niet met leedvermaak; met bewogenheid, niet met goedkope hardheid.

De vraag komt terug bij je eigen ziel

De vraag van het forum is scherp: hoe kan een liefdevolle God een hel toestaan? Maar de Bijbel laat die vraag niet rustig op veilige afstand staan, alsof wij vanaf de publieke tribune een oordeel over God kunnen vellen. Zij keert terug naar je eigen ziel. Niet omdat vragen verboden zijn, maar omdat dit onderwerp uiteindelijk niet slechts over een leerstuk gaat. Het gaat over jouw verhouding tot de levende God.

Want de diepste vraag is niet: past de hel binnen mijn moderne gevoelswereld? Die vraag is begrijpelijk, maar zij is niet diep genoeg. De diepste vraag is: hoe sta ik tegenover de heilige God? Niet tegenover een God die ik zelf heb bijgeschaafd tot Hij in mijn morele schema past, maar tegenover de God Die Zich in de Schrift openbaart: heilig, rechtvaardig, waarachtig, geduldig en rijk in barmhartigheid.

Als God rechtvaardig is, kan Hij zonde niet behandelen alsof zij niets is. Als God liefde is, kan Hij het kwaad niet eeuwig laten voortwoekeren. Als God waarachtig is, kan Hij geen vrede sluiten met leugen. Als God heilig is, kan geen mens Hem zien en leven buiten genade. Dat is geen religieuze overdrijving, maar de spanning waarin heel de Bijbelse boodschap staat.

Daarom is die boodschap tegelijk verpletterend en ruim. Verpletterend, omdat zij zegt dat schuld werkelijk schuld is en niet slechts psychologische schade, sociale pech of een fout in de opvoeding. Ruim, omdat Christus werkelijk Zaligmaker is. Zaligmaker betekent: Hij redt niet halve mensen van lichte problemen, maar schuldige mensen van zonde, dood en oordeel. Hij komt niet als decoratie voor een leven dat eigenlijk al redelijk op orde is, maar als Redder van verlorenen.

De hel is dus niet het middelpunt van het christelijk geloof. Christus is het middelpunt. Maar juist bij Christus wordt duidelijk waarom de hel zo ernstig is. Als zonde gering was, had Golgotha niet gehoeven. Als Gods liefde betekende dat Hij alles zonder voldoening vergeeft, was het kruis overbodig geweest. Maar aan het kruis zie je wat God Zelf over zonde zegt. En je ziet wat God Zelf geeft om zondaren te redden.

Daarom eindigt dit gesprek niet bij speculatie over de hel, maar bij de Gekruisigde. Daar wordt Gods recht niet verzwegen en Gods liefde niet uitgehold. Daar wordt schuld niet weggewuifd, maar gedragen. Daar wordt oordeel niet ontkend, maar voltrokken aan Hem Die Zich gaf voor schuldigen. En juist daarom klinkt de oproep van het Evangelie niet goedkoop, maar diep ernstig en ruimhartig: keer je om, vlucht tot Christus, en leef.

Deze afbeelding toont de Christus Pantocrator, een iconische voorstelling van Jezus Christus als heerser over het universum.
Christus is het middelpunt. Op de afbeelding: Jezus van de Basiliek van Sant’Apollinare Nuovo in Ravenna, 526 / Bron: Wikimedia Commons

Slot: de hel maakt Gods liefde niet kleiner

De hel is Gods oordeel over zonde; niet over een ongelukkige denkfout, niet over iemand die in alle oprechtheid een stukje religieuze informatie miste, niet over een mens die toevallig de verkeerde traditie meekreeg of de juiste woorden niet wist te gebruiken. De Schrift tekent het ernstiger en dieper: het oordeel gaat over schuld voor Gods aangezicht, over de mens die zijn Schepper niet liefheeft boven alles, Zijn wet overtreedt, Zijn genade veracht en buiten Christus wil blijven. Niet omdat Christus een willekeurig wachtwoord is tot de hemel, maar omdat Hij de enige Middelaar is door Wie zondaren gereinigd, vrijgesproken en met God verzoend worden.

Ongeloof hoort daar wezenlijk bij, omdat ongeloof Christus verwerpt. Maar het is geen los vakje op een formulier, alsof God één geïsoleerd puntje afvinkt en daarop het eeuwig oordeel baseert. Ongeloof is het blijven in Adam, terwijl God Christus verkondigt. Adam staat hier voor de gevallen mensheid: schuldig, sterfelijk, buiten het paradijs, vervreemd van God. Christus staat voor het nieuwe Hoofd: de Middelaar Die zondaren met God verzoent, schuld draagt, gerechtigheid aanbrengt en leven geeft waar dood heerst.

En God? Hij is ook in de hel. Niet als Vaderlijke nabijheid, niet als troost, niet als gemeenschap en niet als het aangezicht waarin overvloed van blijdschap is. Maar als de heilige Rechter aan Wiens aangezicht niemand ontkomt. De hel ligt niet buiten Zijn reikwijdte, alsof er ergens in de werkelijkheid een donker gebied bestaat waar God niet regeert. Niets ligt buiten Zijn reikwijdte. Ook het oordeel is geen terrein waar God afwezig is, maar een werkelijkheid waarin Zijn heilig recht openbaar wordt.

Juist daarom is het Evangelie zo (in)dringend. Niet omdat God karig is met genade, alsof Hij slechts met tegenzin zou vergeven, maar omdat buiten Christus geen schuilplaats overblijft. Wie tot Christus komt, vindt geen minieme religieuze verbetering, geen dun laagje vroomheid over een verder onaangeroerd bestaan, maar vergeving van zonden, vrede met God en eeuwig leven. Wie Hem verwerpt, blijft niet neutraal achter. Hij blijft onder de schuld die hij zelf draagt.

Dat is scherp, maar niet liefdeloos. Het is de ernst van de waarheid. Wanneer God spreekt, doet Hij dat niet om de mens te vermaken, zijn zelfbeeld te bevestigen of hem rustig te laten voortleven in een veilige illusie. Zijn waarheid ontmaskert. Zij snijdt door onze verontschuldigingen heen, legt schuld bloot en verwondt soms precies daar waar wij onszelf het liefst sparen. Maar zij verwondt niet om te vernietigen. Zij roept tot bekering en leven, tot Christus, tot genade die niet goedkoop is, maar werkelijk redt.

📚 Lees verder

Dit artikel maakt deel uit van de speciale reeks Christelijk geloof onder het vergrootglas, waarin de vragen van Freethinker stap voor stap tegen het licht worden gehouden. Hieronder vind je de special zelf en verdiepende artikelen over hel, alverzoening, Gods wezen, het kruis en christelijke hoop.
🔎 Christelijk geloof onder het vergrootglas
De overkoepelende special waarin kritische vragen over God, geloof, Schrift, oordeel en christelijke waarheid stap voor stap worden besproken.
🔥 Universalisme en alverzoening weerlegd
Een Bijbels-theologische bespreking van de gedachte dat uiteindelijk alle mensen behouden worden, met aandacht voor oordeel, genade en de ernst van Christus’ woorden.
⚖️ Eeuwige hel en Gods liefde
Hoe verhoudt Gods liefde zich tot eeuwig oordeel? Een verdiepend artikel over heiligheid, rechtvaardigheid en de vraag of liefde zonder oordeel nog liefde blijft.
🎵 Zeven christelijke liederen
Liederen over troost, hoop en aanbidding laten horen dat het christelijk geloof niet alleen redeneert, maar ook zingt vanuit kruis, opstanding en verwachting.
✝️ God, Allah, logica en liefde
Een artikel over de vraag of christenen en moslims werkelijk over dezelfde God spreken, met aandacht voor eenheid, veelheid, liefde en Gods wezen.
✝️ Het kruis als breuklijn
Het kruis is geen religieus ornament, maar de breuklijn van de geschiedenis. Dit artikel laat zien waarom christendom en Europa niet los verkrijgbaar zijn.
📖 Meer artikelen over geloof
Bekijk meer artikelen over Bijbel, geloof, apologetiek, christelijke leer en de vragen die vandaag telkens weer op tafel komen.

Disclaimer

Dit artikel is bedoeld als theologische en Bijbels-inhoudelijke bezinning, niet als poging om iemands persoonlijke geloofsstrijd met een paar snelle zinnen dicht te smeren. Vragen over hel, oordeel, zonde, ongeloof en Gods liefde raken diep; soms ook pijnlijk. Wie hiermee worstelt, doet er goed aan niet alleen argumenten te wegen, maar ook de Bijbel zelf rustig te lezen, biddend te zoeken naar waarheid en zo nodig in gesprek te gaan met een betrouwbare voorganger, ouderling of geestelijk volwassen christen. Dit artikel wil richting geven vanuit de Schrift, maar vervangt geen persoonlijk pastoraal gesprek.

Geraadpleegde bronnen

  • Bijbel. (2010). Herziene Statenvertaling. Stichting HSV. Geraadpleegd via https://herzienestatenvertaling.nl/ en https://www.debijbel.nl/bijbel/HSV/
  • Freethinker.nl. (2010, 27 oktober). 95 stellingen / 200 vragen aan een christen. Freethinker Forum. Geraadpleegd op 8 mei 2026, van https://www.freethinker.nl/forum/viewtopic.php?t=8382
  • Freethinker.nl. (2014, 6 augustus). 95 stellingen / 200 vragen. Geraadpleegd op 8 mei 2026, van https://www.freethinker.nl/artikelen/95-stellingen-200-vragen
  • Statenvertaling.net. (z.d.). Bijbeltekst Statenvertaling. Geraadpleegd op 8 mei 2026, van https://statenvertaling.nl/
  • The Holy Bible, English Standard Version. (2016). Crossway. Geraadpleegd via Bible Gateway: https://www.biblegateway.com/

Reacties en ervaringen

Heb je zelf geworsteld met de vraag hoe Gods liefde zich verhoudt tot zonde, oordeel en de hel? Of heb je juist moeite met de gedachte dat God tegelijk liefdevol, heilig en rechtvaardig is? Deel gerust je reactie onder dit artikel. Reacties worden handmatig nagekeken; dat kan soms enkele uren duren, omdat er helaas veel spam binnenkomt. Serieuze vragen, persoonlijke ervaringen en inhoudelijke aanvullingen zijn welkom, mits ze respectvol, leesbaar en ter zake blijven.