Het christelijk geloof onder het vergrootglas: 95 stellingen en 200 vragen

Last Updated on 22 augustus 2025 by M.G. Sulman

Wie het forum Freethinker bezoekt, stuit op een batterij vragen die bedoeld zijn om het christelijk geloof onder druk te zetten. Het zijn geen vrijblijvende bedenksels, maar prikkelende en soms schrijnende kwesties: “Waarom horen miljoenen mensen nooit van Jezus? Is jouw God de grootste aborteur, aangezien jaarlijks miljoenen embryo’s en foetussen verloren gaan? Wat heeft Jahwe met bloedrituelen, vogels en rechterduimen? Waarom strafte Hij Sodom en Gomorra met vuur, inclusief vrouwen en kinderen? En hoe kan Jezus de beloofde Messias zijn als Hij de profetieën van vrede en herstel niet vervulde?” Zulke vragen snijden diep en gaan niet zelden gepaard met spot: de God van de Bijbel wordt getypeerd als stamgod, als bloeddorstig, als econoom van slavernij of als een figuur uit mythische sprookjes. Toch raken deze vragen — hoe polemisch ook gesteld — aan de kern van de theologie: Wie is God? Hoe openbaart Hij Zich? En kan een oude Schrift werkelijk standhouden in een wereld die miljarden jaren en biljoenen sterren omvat? De Bijbel zelf stelt dat waarheid niet afhangt van menselijke consensus: “Uw Woord is de waarheid” (Johannes 17:17). De uitdaging is dus niet enkel apologetisch, maar existentieel: als Gods Woord waar is, werpt het licht op vragen over lijden, zingeving en gerechtigheid. Deze reeks wil daarom niet slechts antwoorden formuleren, maar laten zien dat geloof geen vlucht is uit de werkelijkheid, doch een venster waardoor de werkelijkheid pas echt verstaan kan worden.

Illustratie van een open Bijbel met een vergrootglas erboven, waarin een rood kruis zichtbaar is, kleurrijk en fris vormgegeven.
Een open Bijbel onder een vergrootglas: symbool voor de reeks “Het christelijk geloof onder het vergrootglas – 95 stellingen en 200 vragen”. / Bron: Martin Sulman

Het christelijk geloof onder het vergrootglas

Het geloof staat vaak in de beklaagdenbank: onder het vergrootglas van sceptici, filosofen en internetfora, waar stellingen en vragen worden afgevuurd alsof men een bastion wil bestormen. “Wie heeft God gemaakt? Is theologie niet slechts luchtfietserij? Hoe kan men geloven in een Boek dat zo oud is?” Zulke vragen zijn niet nieuw; Augustinus hoorde ze al, Luther kreeg ze te horen, en ook vandaag klinken ze luid. Toch ligt er onder die vragen een diepere kwestie: op welk fundament rust onze kennis van waarheid en zin? De Bijbel zegt: “Uw Woord is de waarheid” (Johannes 17:17). Dat klinkt niet als een hypothese die nog bewezen moet worden, maar als een axioma; een uitgangspunt dat alles draagt. In deze reeks nemen we de handschoen op, niet om in een polemische bokswedstrijd te belanden, maar om te laten zien dat geloof niet zwicht voor scherpe vragen, doch integendeel juist licht werpt op het raadsel van ons bestaan.

Aanleiding voor deze special

De aanleiding voor deze reeks ligt in een discussie op het forum van Freethinker, waar in 2014 een draadje verscheen met de titel “95 stellingen – 200 vragen”. De opzet was eenvoudig maar uitdagend: kan het geloof, en met name de theologie, de kritische toets van honderden vragen doorstaan? Daarbij werd het werk van de Franse filosoof Michel Onfray geciteerd, die theologie neerzette als een verzameling praatjes en poespas; een discours van priesters, denkers en instellingen die zich rondom een vermeende God hebben geschaard. De ondertoon was duidelijk: geloof is een sprookje, en wie meent dat het méér is, moet maar laten zien dat zijn overtuiging bestand is tegen rationele kritiek.

In zekere zin lijkt dit een moderne echo van de Reformatie. Waar Luther zijn 95 stellingen op de kerkdeur spijkerde om misstanden aan te kaarten, daar formuleren atheïsten hun 95 stellingen en 200 vragen om te betogen dat God zelf een fictie is. Voor de één is het een lakmoesproef van het geloof, voor de ander een uitnodiging om opnieuw te luisteren naar wat de Schrift zegt. Want de kernvraag blijft: wie bepaalt uiteindelijk wat waar is?

Wat is theologie?

Wie de discussie op Freethinker leest, krijgt al snel de indruk dat theologie slechts een samenraapsel is van rituelen, oude verhalen en bloedige offers. “Waarom moest een melaatse besprenkeld worden met het bloed van een vogel, in plaats van een simpel medicijn?” zo luidt een van de kritische vragen. Of: “Wat heeft Jahwe met bloed, en waarom lijken Bijbelse rituelen op primitieve voodoo?” Het beeld dat zo wordt geschetst: theologie is achterhaald, irrationeel, een pseudowetenschap die nooit boven de mythologie is uitgegroeid.

Theologie als openbaringswetenschap

Toch is theologie nooit opgevat als willekeurig denkwerk. Augustinus noemde haar scientia Dei – de wetenschap van God. Niet een wetenschap die autonoom put uit waarneming of proefondervindelijk onderzoek, maar één die haar fundament vindt in openbaring. Theologie begint niet bij de mens die tastend omhoog reikt, maar bij God die neerdaalt en spreekt. Daarom zegt de Schrift: “In den beginne schiep God de hemel en de aarde” (Genesis 1:1). Dat is geen hypothese, maar een uitgangspunt.

Fresco van Benozzo Gozzoli uit de 15e eeuw waarop kerkvader Augustinus is afgebeeld terwijl hij verdiept leest in een boek; hij zit onder een boom terwijl een andere figuur hem toespreekt. De scène speelt zich af tegen een renaissancelandschap met een stenen gebouw en bloemrijke achtergrond.
Augustinus door Benozzo Gozzoli (15e eeuw) / Bron: Wikimedia Commons

Filosofie versus theologie

De filosoof Aristoteles stelde dat het een teken van een ontwikkelde geest is om met een gedachte te spelen zonder haar te accepteren. De scepticus blijft bij dit spelen: hypothesen worden vergeleken, mogelijkheden gewikt, maar nooit verabsoluteerd. Theologie daarentegen gaat uit van een onvermijdelijk gegeven: God spreekt. “Zo zegt de HEERE” is de toon van profeten en apostelen. De criticus zal dit zien als cirkelredenering, maar het is veeleer een axioma, zoals ook de wiskunde begint met onbewijsbare grondstellingen.

En laten we eerlijk zijn: iedereen leeft van axioma’s. De natuurwetenschapper gaat uit van de kenbaarheid en orde van de werkelijkheid (zonder dat ooit te kunnen bewijzen). De filosoof veronderstelt logische wetten die niet uit de logica zelf zijn af te leiden. De scepticus gaat uit van de betrouwbaarheid van zijn eigen waarneming en redenering. In al die gevallen ligt er een grond die niet verder kan worden gerechtvaardigd. Het verschil is dat de christen dit axioma niet verhult maar belijdt: “Uw woord is de waarheid” (Johannes 17:17).

Waarom rituelen, bloed en offers?

De vragen van Freethinker over bloedrituelen raken aan een punt dat velen vreemd vinden. Waarom dat bloed? Waarom dierenoffers? De Bijbel zelf geeft er antwoord op: “Zonder bloedstorting geschiedt er geen vergeving” (Hebreeën 9:22). Het offer diende niet als primitieve magie, maar als heenwijzing naar een dieper principe: het leven behoort God toe, en schuld vraagt verzoening. In Christus, zegt het Nieuwe Testament, is dit offer eenmaal en voorgoed vervuld.

Een blik vooruit

Theologie is dus geen los zand van verouderde mythen, maar een samenhangende discipline die zich beroept op Gods spreken in de geschiedenis. De vragen van het forum zijn prikkelend, soms sarcastisch, maar raken wel de kern. Juist daarom is het nodig in de volgende hoofdstukken verder te onderzoeken: hoe verhouden kosmos en openbaring zich? Wat betekent lijden in Gods plan? En hoe kan men spreken over waarheid in een wereld vol religies?

Waarom deze vragen ertoe doen

Wie vluchtig langs de lijst van Freethinker scrolt, zou in de verleiding kunnen komen om de schouders op te halen. Vragen als (enigszins geparafraseerd) “Is jouw God de grootste aborteur?”, “Waarom liet Hij Sodom en Gomorra in vuur vergaan, inclusief kinderen?” of “Waarom sprak Hij over bloed aan rechteroorlel en duim, in plaats van een helder recept voor medicijnen?” lijken bij voorbaat spottend bedoeld. Waarom zouden we ons daar überhaupt druk over maken? Toch is het precies dát wat theologie al eeuwenlang doet: zich verhouden tot de vragen van haar tijd, ook als die barstensvol scepsis of ironie zitten.

De spiegel van de tegenstander

Historisch gezien is kritiek altijd de motor geweest van dieper nadenken. Augustinus schreef zijn Confessiones mede als antwoord op de manicheeërs; Anselmus formuleerde zijn ontologisch argument in de spanning met sceptici; Luther en Calvijn scherpten hun leer tegenover Rome. Vragen en tegenwerpingen dwingen tot precisie. Ook Paulus kende dit mechanisme: “Maar, zal iemand zeggen: waarom bestraft Hij dan nog? Want wie heeft Zijn wil wederstaan?” (Romeinen 9:19). De apostel schrijft hier de denkbeeldige tegenwerping zelf in zijn tekst, om er vervolgens een bijbels antwoord op te geven.

Middeleeuws portret van Anselmus van Canterbury, een monnik met lang haar en een rood gewaad, in profiel afgebeeld.
Anselmus van Canterbury (1033–1109), in Italië geboren filosoof, theoloog en benedictijner monnik, bekend om zijn diepgaande bijdragen aan de christelijke theologie en zijn beroemde werk Cur Deus Homo / Bron: Wikimedia Commons

Existentiële vragen achter de polemiek

Achter de soms cynische formuleringen van Freethinker gaan reële thema’s schuil.

  • Kosmos en schepping: als het heelal miljarden jaren oud is en wemelt van exoplaneten, hoe kan men nog spreken van een theocentrisch wereldbeeld?

  • Lijden en verlies: als miljoenen embryo’s en kinderen sterven, waar is God dan?

  • Moraal en geweld: hoe verhoudt de God van Leviticus en Numeri zich tot het morele denken van vandaag?

  • Messiaanse hoop: waarom zagen velen in Jezus níet de vervulling van de profetieën?

Dit zijn geen futiele kwesties. Het zijn vragen die raken aan zingeving, gerechtigheid en hoe wij de geschiedenis verstaan.

De lakmoesproef van waarheid

Daarom doen deze vragen ertoe. Niet omdat God Zelf zich zou moeten verantwoorden voor een menselijk tribunaal, maar omdat wij mensen geroepen zijn te toetsen of ons fundament wel standhoudt. Als de Schrift waar is, kan zij licht werpen op de donkerste raadsels. Als zij het niet is, blijven we achter met een wirwar van hypothesen en filosofieën, zonder zekerheid. Hier klinkt opnieuw de uitspraak van Christus: “De Schrift kan niet gebroken worden” (Johannes 10:35).

Naar de volgende stap

Het gesprek met de scepticus is dus geen luxe, doch bittere noodzaak. Niet alle vragen zijn even eerlijk gesteld en sommige zijn duidelijk retorisch bedoeld. Maar theologie die weigert te luisteren, miskent haar eigen opdracht. Daarom gaan we in het volgende hoofdstuk dieper in op het fundament dat telkens weer terugkeert: de Schrift zelf, als norm en toetssteen.

De afbeelding toont een persoon die bidt, met gevouwen handen boven een open boek, de Bijbel.
De Bijbel als norm en toetssteen / Bron: Pixabay

De Schrift als norm en toetssteen

Op Freethinker duikt telkens dezelfde gedachte op: als de Bijbel werkelijk Gods Woord zou zijn, dan zou hij door de vragen van wetenschap en ethiek heen moeten breken. Neem de scherpe aanklacht: “Tussen de 10 en 20 procent van de zwangerschappen eindigt in een miskraam. Is jouw God dan de grootste aborteur?” Hier klinkt rauwe pijn door, vermengd met provocatie. Het is een vraag die tegelijk statistisch en existentieel is: hoe rijmt men een algoede Schepper met zoveel verlies?

Het probleem van het lijden

De theologie kent dit probleem onder de naam theodicee; de rechtvaardiging van God tegenover het kwaad. Filosofen als Leibniz probeerden het rationeel te verklaren, maar de Schrift zelf geeft een ander spoor. Niet een koude rekensom, doch een openbaring: lijden is de vrucht van zonde en gebrokenheid die sinds Genesis 3 in de schepping doordrong. Paulus schrijft: “Want wij weten dat heel de schepping gezamenlijk zucht en gezamenlijk in barensnood verkeert tot nu toe” (Romeinen 8:22). Een miskraam is geen willekeurig spel van een wrede godheid, maar het schrijnende gevolg van een wereld die onder de vloek van de zonde gebukt gaat.

Het getuigenis van de Schrift

Tegenover de karikatuur van een God die met embryo’s zou “spelen”, tekent de Bijbel een ander beeld: “Mijn gebeente was voor U niet verborgen, toen ik in het verborgene gemaakt ben” (Psalm 139:15). Hier spreekt David niet over een anoniem natuurproces, maar over een God die het ongeboren leven kent en liefheeft. Het verlies van leven is voor Hem geen trivialiteit, maar deel van een gebroken wereld die Hij juist in Christus kwam verlossen.

De beperking van menselijke maatstaven

De vraag van Freethinker verraadt ook een onderliggend axioma: God moet volgens onze maatstaven van goedheid en efficiëntie handelen. Maar als Hij werkelijk God is, overstijgt Hij ons oordeel. Jesaja 55:8–9 legt dit bloot: “Want Mijn gedachten zijn niet uw gedachten, en uw wegen zijn niet Mijn wegen, spreekt de HEERE. Want zoals de hemel hoger is dan de aarde, zo zijn Mijn wegen hoger dan uw wegen en Mijn gedachten dan uw gedachten.” Het is geen goedkoop excuus, doch een erkenning van ons beperkte perspectief.

De toetssteen van waarheid

Juist hier toont zich het belang van de Schrift als norm. In een wereld vol theorieën over natuurlijke selectie, kosmische toevalligheden of evolutie van hominiden, claimt de Bijbel niet slechts een verklaring, maar de waarheid zelf. “Uw Woord is de waarheid” (Johannes 17:17). Waar menselijke redeneringen stranden in paradoxen en cynisme, zet de Schrift haar eigen kader neer: schepping, val, verlossing en voleinding. Binnen dát raamwerk krijgen zelfs de meest pijnlijke vragen een plaats, hoe onbevredigend ze voor de moderne geest ook kunnen lijken.

Naar de artikelenreeks

Met de vragen die op Freethinker zijn geformuleerd, hebben we slechts een tipje van de ijsberg aangeraakt. Iedere stelling en iedere vraag raakt aan een kernpunt van geloof, Schrift en werkelijkheid. Het is onmogelijk om in één artikel alle dimensies uit te werken. Daarom opent zich hier een reeks: afzonderlijke artikelen die telkens één vraag of stelling uitlichten, grondig analyseren en doordenken in het licht van de Bijbel.

Hoe de reeks werkt

Elk deel van de serie bestaat uit drie à vier hoofdstukken. We beginnen met de vraag of stelling zelf: hoe is die geformuleerd, welke aannames zitten erin, en wat voor soort argument is het? Vervolgens leggen we daar het getuigenis van de Schrift naast en zoeken we lijnen vanuit de traditie en de filosofie. Tenslotte trekken we de lijnen door naar vandaag: wat betekent dit concreet voor geloof, leven en denken?

Voorbeeld van een aantal artikelen

Om de lezer meteen houvast te bieden, lichten we alvast enkele representatieve (en door mij geherformuleerde) vragen uit de reeks toe:

  • Hoe kan een theocentrisch wereldbeeld standhouden in een universum vol exoplaneten?

  • Als miljoenen mensen nooit van Christus horen, hoe kan er dan sprake zijn van een rechtvaardig oordeel?

  • Is God verantwoordelijk voor de miljoenen miskramen en kindersterfte?

  • Waarom liet Hij rituelen voorschrijven die bloederig en primitief lijken?

Iedere vraag krijgt een eigen pagina, zodat de lezer rustig kan grasduinen of juist de draad van begin tot eind kan volgen.

Een reis, geen bokswedstrijd

Deze reeks wil méér zijn dan een polemische afrekening met atheïsme. Het gaat om een ontdekkingsreis door de diepte van Gods openbaring. Sommige vragen zullen pijnlijk raken, andere zullen juist helderheid bieden. Maar steeds is het doel: laten zien dat de Schrift niet wegvlucht voor de raadsels van het bestaan, maar juist perspectief opent. Of, om met Paulus te spreken: “Want in Uw licht zien wij het licht” (Psalm 36:10).

Daarom nodig ik de lezer uit: ga mee door deze reeks. Lees, denk, toets, en ontdek dat de God van de Bijbel niet alleen antwoorden geeft, maar ook de bron is van de vragen zelf; omdat Hij ons verstand schiep om te zoeken naar waarheid.

Lees verder

De reis begint hier: stap in bij de eerste vragen en volg hoe geloof en kritiek elkaar ontmoeten.

Geraadpleegde bronnen

  • Freethinker. (2014). 95 stellingen / 200 vragen aan een christen. Geraadpleegd op 16 augustus 2025, van https://www.freethinker.nl/forum/viewtopic.php?f=31&t=8382

  • Calvijn, J. (1559/1997). Institutie van de christelijke godsdienst (vert. A. Sizoo). Kampen: Kok.

  • De Bijbel. (HSV). Heilige Schrift, diverse passages (o.a. Gen. 1:1; Ps. 139; Joh. 17:17; Rom. 8:22).

  • Van Til, C. (2008). The Defense of the Faith (4e ed., met inleiding van K. S. Oliphint). Phillipsburg, NJ: Presbyterian & Reformed Publishing.

  • Augustinus. (397/2003). Belijdenissen (vert. W. Dijk). Baarn: Ambo.

Reacties

Heb je een gedachte, een instemming of juist een scherpe tegenwerping bij dit thema? Deel het gerust hieronder. Deze reeks is geen eenrichtingsverkeer; het gesprek over geloof en vragen, over God en mens, is van oudsher een gemeenschappelijk zoeken. Houd de toon respectvol en inhoudelijk – polemiek mag, maar altijd met argumenten.

“Beproef alle dingen, behoud het goede” (1 Thessalonicenzen 5:21).