Last Updated on 19 februari 2026 by M.G. Sulman
Een schrompelmilt, in medische termen ook wel autosplenectomie of functionele asplenie genoemd, is een toestand waarbij de milt door herhaalde beschadiging en littekenvorming zo klein en ineffectief wordt dat zij haar afweerfunctie vrijwel verliest. Je merkt dat vaak pas wanneer je sneller en ernstiger ziek wordt, bijvoorbeeld door longontsteking of bloedvergiftiging. Omdat de milt normaal helpt bij het bestrijden van bacteriën, kan dit risico onverwacht groot zijn. Wanneer moet je alert zijn en wat kun je doen om complicaties te voorkomen?
Gebruik de inhoudsopgave om snel te navigeren
Wat is een schrompelmilt?
Een schrompelmilt is een milt die door herhaalde beschadiging en littekenvorming kleiner, harder en minder functioneel is geworden. Artsen spreken van autosplenectomie of functionele asplenie. Autosplenectomie betekent letterlijk dat de milt zichzelf als het ware “opheft” door terugkerende infarcten, kleine gebieden van weefselsterfte door zuurstoftekort. Functionele asplenie houdt in dat de milt nog aanwezig is, maar haar werk nauwelijks meer doet.
Je milt ligt linksboven in je buik, onder je ribben. Het orgaan speelt een belangrijke rol in je immuunsysteem, je afweersysteem tegen bacteriën en virussen. De milt filtert je bloed, ruimt oude rode bloedcellen op en helpt bij het herkennen en bestrijden van ziekteverwekkers. Vooral zogenoemde gekapselde bacteriën, bacteriën met een beschermlaagje, worden normaal gesproken effectief door de milt aangepakt.
Wanneer de milt verschrompelt, valt die filterfunctie grotendeels weg. Dat merk je niet direct in het dagelijks leven. Je voelt geen specifieke pijn of druk. Toch ontstaat er een kwetsbaarheid die sluipend kan zijn. De buitenkant lijkt rustig, maar onder de oppervlakte ontbreekt een essentieel onderdeel van je afweer. Dat maakt een schrompelmilt medisch relevant, zelfs als je je op dit moment gezond voelt.
Hoe ontstaat een schrompelmilt?
Een schrompelmilt ontstaat niet van de ene op de andere dag. Het is meestal het eindpunt van een proces dat maanden of jaren duurt. Door herhaalde beschadiging raakt het miltweefsel langzaam vervangen door littekenweefsel. Littekenweefsel is stevig, maar functioneert niet meer zoals gezond orgaanweefsel. Allengs krimpt de milt en verliest zij haar filter- en afweerfunctie.
Sikkelcelziekte en herhaalde infarcten
De bekendste oorzaak is sikkelcelziekte. Dit is een erfelijke bloedziekte waarbij rode bloedcellen een afwijkende, sikkelvormige vorm hebben. Normale rode bloedcellen zijn rond en soepel; bij sikkelcelziekte zijn ze stijver en kunnen ze kleine bloedvaatjes verstoppen.
Wanneer zulke verstoppingen optreden in de milt, ontstaan er infarcten. Een infarct betekent dat een stukje weefsel afsterft door zuurstoftekort. Gebeurt dit herhaaldelijk, dan raakt de milt progressief beschadigd. Uiteindelijk verschrompelt zij. Dit proces wordt autosplenectomie genoemd, omdat de milt zichzelf als het ware uitschakelt.
Chronische ontstekingen en infecties
Langdurige infecties kunnen eveneens schade veroorzaken. Denk aan tuberculose of andere chronische ontstekingsziekten. Chronische ontsteking betekent dat het afweersysteem langdurig actief blijft en daarbij ook eigen weefsel kan beschadigen.
Door voortdurende ontstekingsactiviteit ontstaat fibrose, een medische term voor littekenvorming in organen. Fibrose maakt weefsel stug en minder functioneel. In de milt leidt dit uiteindelijk tot volumeverlies en functieverlies.
Auto-immuunziekten
Bij een auto-immuunziekte valt het immuunsysteem per abuis het eigen lichaam aan. Voorbeelden zijn systemische lupus erythematodes of bepaalde vasculitiden, ontstekingen van bloedvaten. Als de bloedvoorziening van de milt hierdoor wordt aangetast, kan opnieuw weefselschade ontstaan.
Ook hier geldt: herhaling is de sleutel. Eén episode veroorzaakt zelden een schrompelmilt, maar terugkerende schade kan op termijn cumulatief werken.
Doorbloedingsproblemen en vaatziekten
De milt is sterk afhankelijk van een goede bloedtoevoer. Aandoeningen die de bloedvaten aantasten, zoals ernstige vaatziekten of stollingsstoornissen, kunnen de doorbloeding beperken. Bij een stollingsstoornis stolt het bloed te snel of juist te weinig, wat de balans verstoort.
Wanneer delen van de milt onvoldoende bloed krijgen, ontstaat opnieuw infarcering. Dit woord betekent dat er kleine gebieden van afstervend weefsel ontstaan. Na verloop van tijd wordt gezond miltweefsel vervangen door niet-functioneel littekenweefsel.
Zo ontwikkelt zich, vaak ongemerkt, een schrompelmilt. Niet abrupt, maar geleidelijk; geen spectaculaire gebeurtenis, doch een langzaam proces dat de essentie van het orgaan aantast.
Wat merk je van een schrompelmilt?
Het opvallende is dat je er vaak niets van voelt. Een schrompelmilt geeft meestal geen pijn en veroorzaakt geen directe, herkenbare klacht. Toch kan het effect aanzienlijk zijn, vooral op je weerstand.
Vaker en ernstiger infecties
De belangrijkste consequentie is een verhoogd risico op infecties. Vooral bacteriën met een beschermende buitenlaag, zogenoemde gekapselde bacteriën, worden normaal gesproken door de milt uit het bloed gefilterd. Denk aan pneumokokken, bacteriën die longontsteking kunnen veroorzaken.
Wanneer de milt haar werk niet goed meer doet, kunnen deze bacteriën zich sneller verspreiden. Wat bij de één een milde infectie is, kan bij iemand met een schrompelmilt ernstiger verlopen.
Snelle verslechtering bij koorts
Een ogenschijnlijk gewone griep of keelontsteking kan plotseling escaleren. Koorts kan snel stijgen, je kunt rillen, je hartslag versnelt. In ernstige gevallen kan sepsis ontstaan. Sepsis betekent dat het lichaam extreem reageert op een infectie; men spreekt in de volksmond van bloedvergiftiging. Dit is een medisch spoedgeval.
Het verraderlijke zit in de snelheid. Iemand kan zich ’s ochtends nog redelijk voelen en ’s avonds ernstig ziek zijn.
Vermoeidheid en bloedafwijkingen
Soms worden er bij toeval afwijkingen in het bloed ontdekt. Bijvoorbeeld Howell-Jolly bodies, kleine restjes kernmateriaal in rode bloedcellen die normaal door de milt worden verwijderd. Hun aanwezigheid wijst erop dat de filterfunctie tekortschiet.
Vermoeidheid kan voorkomen, maar is geen specifiek symptoom. Het is eerder een signaal dat er onderliggend iets niet optimaal functioneert.
Functionele asplenie uitgelegd
Bij functionele asplenie is de milt nog aanwezig, maar functioneert zij onvoldoende. Dat verschilt van een operatieve verwijdering, een splenectomie, waarbij de milt chirurgisch wordt verwijderd. In beide situaties ontbreekt de beschermende filterfunctie grotendeels.
Je lichaam kan veel compenseren. Andere onderdelen van het immuunsysteem nemen taken over. Toch blijft er een kwetsbaarheid bestaan die je niet moet onderschatten. Juist daarom is het van belang te weten of jouw milt nog adequaat werkt, ook als je je thans gezond voelt.
Waarom is een schrompelmilt gevaarlijk?
Een schrompelmilt is vooral riskant omdat een cruciaal onderdeel van je afweersysteem uitvalt. De milt filtert normaal gesproken bacteriën uit het bloed en helpt bij de aanmaak van antistoffen. Zonder goed functionerende milt ontbreekt een belangrijke controlepost in je bloedbaan.
Kwetsbaar voor gekapselde bacteriën
Bepaalde bacteriën hebben een beschermlaag, een kapsel, waardoor ze minder snel door je immuunsysteem worden herkend. Dit worden gekapselde bacteriën genoemd. Voorbeelden zijn pneumokokken, meningokokken en Haemophilus influenzae type b.
De milt speelt een sleutelrol in het opruimen van deze bacteriën. Wanneer die functie wegvalt, kunnen ze zich sneller in het bloed vermenigvuldigen. Dat vergroot de kans op ernstige infecties zoals longontsteking, hersenvliesontsteking of sepsis.
Overwhelming post-splenectomy infection
Artsen gebruiken soms de term overwhelming post-splenectomy infection, afgekort OPSI. Dit betekent een plotselinge, zeer ernstige infectie bij iemand zonder goed werkende milt. Hoewel deze term oorspronkelijk werd gebruikt voor mensen bij wie de milt operatief was verwijderd, geldt het risico ook bij functionele asplenie.
Kenmerkend is het snelle verloop. Binnen enkele uren kan iemand ernstig ziek worden. Hoge koorts, koude rillingen, verwardheid en lage bloeddruk kunnen zich in korte tijd ontwikkelen.
Sepsis uitgelegd
Sepsis is een ontregelde reactie van het lichaam op een infectie. In plaats van gericht de bacterie aan te vallen, raakt het hele systeem in overdrive. Bloeddruk daalt, organen krijgen minder zuurstof en er kan orgaanfalen optreden.
Dat klinkt dramatisch, en dat is het ook. Toch is het risico met goede voorzorgsmaatregelen sterk te verkleinen. Vaccinaties, snelle behandeling bij koorts en duidelijke instructies maken het verschil tussen kwetsbaarheid en beheersbaarheid.
Een schrompelmilt is dus geen dagelijkse klacht, maar een structureel risico. Wie dit weet, kan adequaat handelen. En dat besef is geen paniek, maar prudentie.
Onderzoek en diagnose
Een schrompelmilt wordt zelden ontdekt omdat je pijn hebt. Vaak komt de diagnose aan het licht bij bloedonderzoek, beeldvorming of omdat iemand onverwacht ernstig ziek wordt. De arts zoekt dan naar aanwijzingen dat de milt haar filterfunctie niet meer goed uitvoert.
Lichamelijk onderzoek
Bij lichamelijk onderzoek is een schrompelmilt meestal niet voelbaar. Een gezonde milt kan soms vergroot zijn bij infecties, maar een verschrompelde milt is juist klein en moeilijk te palperen. Palperen betekent dat de arts met de handen de buik aftast.
Het lichamelijk onderzoek alleen is dus niet voldoende om de diagnose te stellen.
Bloedonderzoek
Bloedonderzoek geeft vaak de eerste aanwijzing. In het bloeduitstrijkje, een microscopisch onderzoek van rode bloedcellen, kunnen Howell-Jolly bodies zichtbaar zijn. Dit zijn kleine restjes kernmateriaal in rode bloedcellen. Normaal verwijdert de milt deze restjes. Als ze zichtbaar blijven, wijst dat op verminderde miltfunctie.
Daarnaast kan het aantal bloedplaatjes verhoogd zijn. Bloedplaatjes, ook wel trombocyten genoemd, spelen een rol bij de bloedstolling. Na functieverlies van de milt kunnen ze tijdelijk of blijvend stijgen.
Beeldvorming
Met beeldvorming kan de grootte van de milt worden beoordeeld.
- Een echo gebruikt geluidsgolven om organen zichtbaar te maken.
- Een CT-scan maakt met röntgenstraling gedetailleerde dwarsdoorsneden van het lichaam.
Bij een schrompelmilt ziet men een duidelijk verkleind orgaan, soms met tekenen van littekenvorming of verkalking.

Functionele testen
In sommige gevallen wordt aanvullend onderzocht hoe goed de milt nog functioneert. Dit kan met gespecialiseerde nucleaire scans waarbij wordt gekeken hoe het lichaam bepaalde gemerkte stoffen verwerkt. Zulke onderzoeken zijn niet standaard, maar worden ingezet bij twijfel.
De diagnose is dus geen kwestie van één symptoom, maar van samenhang. Bloedafwijkingen, beeldvorming en klinische context vormen tezamen het oordeel. Juist die combinatie maakt het medisch overtuigend.
Behandeling en preventie
Een schrompelmilt kun je niet herstellen. Littekenweefsel verandert niet terug in gezond orgaanweefsel. De behandeling richt zich daarom niet op genezing, maar op risicobeperking. Dat klinkt technisch, maar het is in de praktijk heel concreet.
Vaccinaties als eerste verdedigingslinie
Vaccinaties zijn essentieel. Ze trainen je immuunsysteem om sneller en effectiever te reageren op specifieke bacteriën. Vooral bescherming tegen pneumokokken, meningokokken en Haemophilus influenzae type b is van belang.
Een vaccin stimuleert de aanmaak van antistoffen. Antistoffen zijn eiwitten die bacteriën herkennen en markeren voor vernietiging. Omdat de milt hierbij normaal een belangrijke rol speelt, is extra immunologische voorbereiding geen luxe maar noodzaak.
Herhaalvaccinaties kunnen nodig zijn. De bescherming neemt na enkele jaren af, dus periodieke controle is verstandig.
Antibioticaprofylaxe
Sommige mensen krijgen langdurig een lage dosis antibiotica voorgeschreven. Dit heet antibioticaprofylaxe. Profylaxe betekent preventieve behandeling. Het doel is niet om een bestaande infectie te genezen, maar om te voorkomen dat bacteriën zich überhaupt kunnen vermenigvuldigen.
Dit wordt vooral overwogen bij kinderen of bij mensen met een zeer hoog infectierisico.
Direct handelen bij koorts
Met een schrompelmilt geldt een eenvoudige maar cruciale regel: koorts is geen bijzaak. Bij een temperatuur boven 38,5 graden moet je snel contact opnemen met een arts. Wachten tot “het wel overgaat” kan riskant zijn.
Soms krijgt iemand een noodrecept antibiotica mee voor direct gebruik bij plotselinge koorts, in afwachting van medische beoordeling. Dat vraagt discipline en duidelijke instructies.
Medische identificatie
Het dragen van een medisch pasje of armband is geen overbodige voorzorg. In een noodsituatie moet zorgpersoneel direct weten dat je milt niet functioneert. Dat kan de snelheid en keuze van behandeling beïnvloeden.
Leven met een schrompelmilt
Met goede voorzorgsmaatregelen kun je een normaal leven leiden. Sporten, reizen, werken; het is in principe allemaal mogelijk. Wel vraagt het om bewustzijn. Geen angst, maar alertheid.
Het verschil tussen kwetsbaar en weerloos is voorbereiding. Wie weet wat er speelt, kan adequaat handelen. En dat is in deze context geen detail, maar de kern van verantwoord leven met functionele asplenie.
Prognose
De prognose bij een schrompelmilt hangt minder af van de grootte van het orgaan en meer van hoe goed je preventieve maatregelen opvolgt. Zonder goede bescherming is het risico op ernstige infecties duidelijk verhoogd. Met tijdige vaccinaties, snelle behandeling bij koorts en duidelijke medische begeleiding kun je echter een vrijwel normaal leven leiden.
Het grootste gevaar schuilt in onderschatting. Wie niet weet dat de milt onvoldoende functioneert, loopt meer risico dan iemand die alert is en voorbereid. Dat geldt vooral bij jonge kinderen en mensen met bijkomende aandoeningen zoals sikkelcelziekte.
Belangrijk is dat het risico levenslang blijft bestaan. Het is geen fase die “overgaat”. Toch betekent dat niet dat je voortdurend ziek zult zijn. Integendeel. Veel mensen met functionele asplenie hebben jarenlang geen problemen, mits zij goed geïnformeerd zijn en adequaat handelen bij klachten.
Een schrompelmilt is dus geen dagelijkse beperking, maar een blijvende medische realiteit. Wie die realiteit kent, kan haar beheersen. Dat is geen dramatiek, maar verstandige zelfzorg.
Wanneer moet je direct hulp zoeken?
Sommige signalen vragen om onmiddellijke actie:
- Koorts boven 38,5 graden
- Rillingen of plotselinge koude sensatie
- Snelle hartslag
- Verwardheid of sufheid
- Snel verslechterende algemene toestand
In deze situaties is spoedbeoordeling noodzakelijk. Twijfel is hier geen deugd. Liever één keer te veel contact opnemen dan één keer te laat.
Lees verder
Wil je het grotere plaatje zien? Bekijk dan de ⭐ special over schrompelorganen, waarin je leest hoe chronische schade kan leiden tot littekenvorming en functieverlies in uiteenlopende organen. Verdiep je daarnaast in een schrompelblaas, een schrompelgalblaas en een schrompelnier; elk met eigen klachten, maar hetzelfde onderliggende mechanisme van weefselatrofie. Ook buiten de buik kan krimp optreden. Lees bijvoorbeeld over krimpende hersenen (hersenatrofie), waarbij hersenweefsel volume verliest, en over krimpende teelballen, waar hormonale of vaatproblemen een rol kunnen spelen. Samen geven deze artikelen inzicht in wat orgaanatrofie betekent voor je lichaam als geheel.
Disclaimer
Dit artikel is bedoeld als algemene gezondheidsinformatie en vervangt geen persoonlijk medisch advies. Een schrompelmilt, ook wel functionele asplenie genoemd, kan het risico op ernstige infecties vergroten en vraagt om individuele beoordeling door een arts. Heb je koorts, rillingen of voel je je plots ernstig ziek, neem dan direct contact op met je huisarts of de spoedeisende hulp. Twijfel je over je miltfunctie of je vaccinatiestatus, bespreek dit dan met je behandelend arts.
Bronnen
- Centers for Disease Control and Prevention. (2024, June 26). Altered immunocompetence: Best practices guidance of the Advisory Committee on Immunization Practices (ACIP). https://www.cdc.gov/vaccines/hcp/imz-best-practices/altered-immunocompetence.html
- Di Sabatino, A., Carsetti, R., & Corazza, G. R. (2011). Post-splenectomy and hyposplenic states. The Lancet, 378(9785), 86–97. https://doi.org/10.1016/S0140-6736(10)61493-6
- National Heart, Lung, and Blood Institute. (2025). Sickle cell disease. https://www.nhlbi.nih.gov/health/sickle-cell-disease
- William, B. M., Corazza, G. R., & Di Sabatino, A. (2007). Hyposplenism: A comprehensive review. Blood Reviews, 21(4), 173–184. https://doi.org/10.1016/j.blre.2007.01.002
- StatPearls Publishing. (2024). Functional asplenism. National Center for Biotechnology Information. https://www.ncbi.nlm.nih.gov/books/NBK499949/
Reacties en ervaringen
Heb jij een schrompelmilt of functionele asplenie, bijvoorbeeld door sikkelcelziekte of een andere aandoening? Hoe ga je om met vaccinaties, alertheid bij koorts en het dagelijks leven? Jouw ervaring kan voor anderen waardevol zijn.
Deel hieronder je verhaal, vragen of praktische tips. Reacties worden handmatig beoordeeld om onjuiste medische informatie en spam te voorkomen. Persoonlijke ervaringen zijn welkom; stel je medische beslissingen echter altijd af met je eigen arts.