Het urogenitale stelsel  verwijst naar de organen van het urine- en voortplantingsstelsel bij mannen, vrouwen en kinderen. Onder urologische aandoeningen vallen de urinewegen bij de man en de vrouw, en de geslachtsorganen van de man. Een uroloog houdt zich bezig met kwalen en stoornissen aan de urinewegen, de blaas, de nieren en bij mannen ook de voortplantingsorganen. Deze kunnen bestaan uit aangeboren afwijkingen, maar het kunnen ook tumoren, infecties en impotentie betreffen. Denk bijvoorbeeld concreet aan vrouwen met blaasontstekingen of incontinentie, maar ook aan mannen met impotentie of plasproblemen (als gevolg van prostaatproblemen) en jongens met een te nauwe voorhuid of kinderen die bedplassen.


Urinestelsel

Inhoud

Het urogenitale stelsel

Onderdelen

Het urogenitale stelsel bestaat uit:

  • de nieren
  • urineleiders (ureters)
  • (urine)blaas
  • plasbuis (urethra)

Nieren

In dit systeem is een sleutelrol weggelegd voor de nieren, twee vuistgrote, boonvormige uitscheidingsorganen die onder de ribben naar het midden van de rug liggen. Ze zijn te beschouwen als filters die non-stop bezig zijn het bloed te zuiveren van stoffen die er niet thuishoren of erin te grote hoeveelheid aanwezig zijn. Dit doen ze door overtollig vocht en afvalstoffen uit het bloed in de vorm van urine af te voeren door de beide urineleiders (ureters) naar de blaas, die dienst doet als tijdelijke opslagplaats. Via de urineblaas kan de urine naar buiten worden gevoerd via de urinebuis of plasbuis (urethra).

De nieren houden zouten en andere stoffen in het bloed in balans en produceren het hormoon EPO (erytropoëtine), dat een rol speelt bij de aanmaak van rode bloedcellen. Gezonde rode bloedcellen vervoeren zuurstof door het lichaam. Er treedt dus een tekort aan rode bloedcellen in het bloed op als de nieren niet goed functioneren. Hierdoor krijgt het lichaam onvoldoende zuurstof, wat klachten als vermoeidheid en een bleke huid tot gevolg heeft, evenals veranderingen in je hartslag, hoofdpijn en duizeligheid.

Urineleiders, blaas en plasbuis

Via de urineleider wordt urine van de nieren naar de blaas vervoerd. De blaas is in feite een holle, gespierde zak die dienst doet als opslagplaats voor urine, totdat deze wordt geloosd via de urinebuis of plasbuis. Dit is een smalle buis vanuit de blaas, waarlangs de urine het lichaam verlaat. De aandrang tot plassen begint ongeveer bij 280 ml. Meer dan 500 ml begint pijnlijk te worden en leidt tot hevige aandrang om terstond te urineren.

Urologische aandoeningen

Urologische aandoeningen kunnen als volgt worden ingedeeld naar oorzaken en symptomen:

  • ontstekingsziekten zoals blaasontsteking (cystitis) of bekkenontsteking
  • steenvorming zoals nierstenen (nephrolithiasis)
  • nieuwvorming ofwel neoplasie zoals nierkanker
  • functionele stoornissen zoals stoornissen in de urinewegen

Hierbij kun je denken aan onder meer de volgende afwijkingen, aandoeningen en stoornissen:

  • prostaatproblemen, zoals een vergrote prostaat of prostaatontsteking
  • prostaatkanker
  • blaasproblemen, zoals blaassteen, blaasretentie, blaasontstekingen en interstitiële cystitis (IC, ook wel blaaspijnsyndroom genoemd)
  • blaaskanker
  • nierstenen, infecties van de nieren, verminderde nierfunctie
  • impotentie
  • aangeboren afwijkingen en stoornissen

Symptomen van urologische aandoeningen

Kenmerkende symptomen van blaasontsteking zijn een branderig gevoel en pijn bij het urineren, een sterke drang om te plassen met een laag urinevolume, bloed in de urine en buikpijn ter hoogte van de blaas.

Urineweginfecties kunnen regelmatig terugkeren. Als er ook koorts, koude rillingen en pijn in de zij of flank optreedt, kan een urineweginfectie zich hebben verspreid naar de urineleiders en de nieren.

Nierstenen kunnen lange tijd asymptomatisch en onopgemerkt blijven; nierkoliek met ernstige rug- en onderbuikpijn kan echter ook voorkomen. Wanneer een steen de urineleider blokkeert, kan dit koliekpijn veroorzaken. De pijn kan uitstralen naar de geslachtsorganen.

Onderzoek en diagnose

Urologische aandoeningen worden gediagnosticeerd op basis van de symptomen die de patiënt beschrijft aan de arts, je medische geschiedenis, lichamelijk onderzoek en urineonderzoek. Bij blaasontsteking ruikt de urine vies en is deze bloederig of etterig; de urine bevat meestal bacteriën, leukocyten, cellen en/of erytrocyten. Bloedonderzoek toont tekenen van ontsteking. Bij terugkerende blaasontstekingen kan een cystoscopie (inwendig onderzoek van de plasbuis en de blaas) worden gedaan om ernstige ziekten zoals tumoren uit te sluiten en om een ​​weefselmonster te nemen. Om nierstenen te diagnosticeren, kan bloedonderzoek onder meer bloed in de urine (hematurie) aantonen. Beeldvormend onderzoek zoals echografie en röntgenonderzoek, kunnen ook zinvol zijn.

Bloedonderzoek
Bloedonderzoek / Bron: Science photo/Shutterstock.com

Behandeling van urologische aandoeningen

De drie meest voorkomend urologische aandoeningen passeren de revue.

Blaasontsteking

Blaasontsteking wordt behandeld met antibiotica en pijnstillers kunnen worden toegediend om de krampachtige pijn bij het urineren te verlichten. Door veel te drinken kunnen bacteriën worden weggespoeld. Nier- en blaastheeën zijn hiervoor zeer geschikt. Preparaten met extracten van berendruifblad, guldenroede, heermoes, berk en/of brandnetel ondersteunen de strijd tegen urineweginfecties. Cranberries bevatten stoffen die bacteriële kolonisatie van de blaas kunnen voorkomen. Er zijn verschillende vormen van toediening met cranberry-extracten beschikbaar.

Nierstenen

Een klein steentje in de urineleider plas je meestal vanzelf uit. Bij een grotere steen, die niet spontaan wordt uitgeplast, kan een ingreep nodig zijn, bijvoorbeeld door de steen te vergruizen en/of te verwijderen door een operatie. Ongeveer 80% van alle nierstenen verdwijnt echter vanzelf; het verwijderen van stenen wordt ondersteund door veel vochtopname en lichaamsbeweging.

Afhankelijk van de steensoort kan een dieet voorkomen dat andere stenen zich ontwikkelen:

  • Als er urinezuurstenen zijn, wordt aangeraden een dieet te volgen dat weinig purine bevat.
  • Bij oxalaatstenen moet oxalaathoudend voedsel (rabarber, thee, cacao, chocolade en spinazie) worden vermeden.
  • Voor calciumfosfaatstenen wordt een calciumarm dieet aanbevolen, door bijvoorbeeld het vermijden van zuivelproducten. Preparaten met zouten van citroenzuur, bijvoorbeeld kalium-natriumwaterstofcitraat, kunnen de vorming van urinezuurstenen voorkomen.

Vergrote prostaat

Of de arts een goedaardige prostaatvergroting zal behandelen, hangt af van hoe ernstig je klachten zijn en in welke mate ze van invloed zijn op je kwaliteit van leven. Bij milde symptomen kunnen artsen in eerste instantie een afwachtend beleid voeren. Behandeling is echter aan te raden als de symptomen erg uitgesproken zijn en deze je welzijn in het dagelijks leven beïnvloeden. Behandelingen kan bestaan uit medicatie of een operatieve ingreep. Je kunt soms ook een verbetering van de symptomen bereiken door leefstijlaanpassingen.

Geraadpleegde literatuur

  • J.A.M. Baar, C.A. Bastiaansen, A.A.F. Jochems: Anatomie & fysiologie. Bohn Stafleu van Loghum, tweede druk, 2007.

Inleidingsfoto

  • Alila Medical Media/Shutterstock.com

Last Updated on 25 juli 2021 by M.G. Sulman

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *